Deze verordening verstaat onder:
Omnibus Decentraal Regeling: regeling waarvan decentrale overheden gebruik kunnen maken ter ondersteuning van subsidiemaatregelen gericht op onderzoek, ontwikkeling en innovatie;
Experimentele ontwikkeling: het verwerven, combineren, vormgeven en gebruiken van bestaande wetenschappelijke, technische, zakelijke en andere relevante kennis en vaardigheden voor plannen, schema’s of ontwerpen van nieuwe, gewijzigde of verbeterde producten, procedés of diensten;
OO&I: onderzoek, ontwikkeling en innovatie;
Agrarisch ondernemer: Een ondernemer waar zijn hoofdactiviteit bestaat uit grondgebonden veeteelt voor koeien, schapen en geiten;
Studiegroep: een werkgemeenschap van agrarische ondernemers waarin onder externe begeleiding binnen thema’s wordt samengewerkt aan een innovatieve en duurzame landbouw gericht op het meer sluitend krijgen van de verschillende kringlopen binnen het bedrijf;
Studieseizoen: de periode die grofweg loopt van oktober tot en met mei van het daarop volgende jaar;
Kringlooprapport: rapportage waarin de duurzaamheidsprestaties op basis van objectieve scores zijn weergegeven;
Aanvraag: de schriftelijke aanmelding van de agrariër tot deelname aan de studiegroep.
Paragraaf 1.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening subsidie onderzoek, ontwikkeling en innovatie bij agrarische bedrijven