1. Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een
belanghebbendenplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan aldaar
een voertuig te parkeren of geparkeerd te houden:
a. zonder vergunning;
b. zonder dat het motorvoertuig of brommobiel duidelijk zichtbaar is
voorzien van het vergunningbewijs;
c. in strijd met de aan de vergunning verbonden voorwaarden.
2. Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het
bepaalde in het eerste lid van dit artikel.
Afdeling III
Artikel 9
Artikel 9
Onderdeel van Verordening op het gebruik van parkeerplaatsen en de verlening van vergunningen voor het parkeren