Het bevoegd bestuursorgaan beslist op een aanvraag om een geschiktheidverklaring binnen twaalf weken na de dag waarop de aanvraag is ontvangen.
Het bevoegd bestuursorgaan kan zijn beslissing eenmaal voor ten hoogste twaalf weken verdagen. Van het besluit tot verdaging wordt voor de afloop van de in het eerste lid bedoelde termijn schriftelijk mededeling gedaan aan de aanvrager.
In afwijking van het bepaalde in het eerste en het tweede lid houdt het bevoegd bestuursorgaan de beslissing op de aanvraag aan indien:
een omgevingsvergunning is vereist en op deze aanvraag nog niet is beslist;
op dezelfde seksinrichting een aanschrijving rust wegens strijd met de voorschriften van het Bouwbesluit 2003 of het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken en aan die aanschrijving (nog) niet is voldaan.
De in het vorige lid bedoelde aanhouding eindigt zes weken nadat op de aanvraag om een omgevingsvergunning is beslist of nadat is voldaan aan de aanschrijving.