In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet : de Wet geurhinder en veehouderij;
veehouderij : inrichting die tot een krachtens artikel 1.1,
derde lid, van de Wet milieubeheer aangewezen categorie behoort
en is bestemd voor het fokken, mesten, houden, verhandelen,
verladen of wegen van dieren;
dierenverblijf : een dierenverblijf zoals omschreven in de
wet;
bestaand dierenverblijf : een dierenverblijf waarvoor ten tijde
van de inwerkingtreding van deze verordening een bouwvergunning
is verleend en is gebouwd en/of een dierenverblijf die ten tijde
van de inwerkingtreding van deze verordening is gebouwd en als
zodanig in gebruik is genomen;
geurgevoelig object : een geurgevoelig object zoals omschreven
in de wet;
vaste afstandsdieren : dieren van diercategorieën waarvoor op
grond van de wet geen geuremissiefactor is vastgesteld;
cultuurhistorisch waardevol gebouw : een karakteristiek gebouw
of een monument, dat als zondanig is aangewezen in het ter
plekke geldende bestemmingsplan of voorkomt op de lijst
geïnventariseerde objecten zoals vermeld in ‘Breukelen,
geschiedenis en architectuur’ , onderdeel van de
monumenten-inventarisatie provincie Utrecht (ISBN
978-90-6720-443-9).
monument : een monument of karakteristiek object of
karakteristiek gebouw, dat als zondanig is aangewezen in het
bestemmingsplan luidend op de datum van vaststelling van de
verordening.
HOOFDSTUK 1
Artikel 1
Begripsbepaling
Onderdeel van Verordening geurhinder en veehouderij landelijk gebied gemeente Stichtse Vecht