**1..** De financiële tegemoetkoming minus het eigen aandeel of het persoonsgebonden budget minus de eigen bijdrage voor woonvoorzieningen wordt vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het college geaccepteerde offerte.
**2..** Het in artikel 22 van de van de Verordening genoemde afschrijvingsschema luidt als volgt:
Afschrijving
Terug te betalen
voor het eerste jaar
100%
van de meerwaarde,
voor het tweede jaar
90%
van de meerwaarde,
voor het derde jaar
80%
van de meerwaarde,
voor het vierde jaar
70%
van de meerwaarde,
voor het vijfde jaar
60%
van de meerwaarde,
voor het zesde jaar
50%
van de meerwaarde,
voor het zevende jaar
40%
van de meerwaarde,
voor het achtste jaar
30%
van de meerwaarde,
voor het negende jaar
20%
van de meerwaarde, en
voor het tiende jaar
10%
van de meerwaarde.
In alle gevallen minus het bedrag van de eigen bijdrage dat voor rekening van de eigenaar is gekomen.
Eigen aandeel woonvoorziening
Het eigen aandeel is van toepassing op de financiële tegemoetkoming voorzieningen. De hoogte van het eigen aandeel is afhankelijk van het verzamelinkomen en vermogen van de belanghebbende en wordt bepaald en geïnd door het Centraal Administratie Kantoor (CAK).
De inkomensafhankelijke bijdrage geldt voor bouwkundige of woontechnische aanpassing van een huurwoning of een woning in eigendom, wanneer de kosten hiervan meer bedragen dan € 500,00.
**3..** Het bedrag voor de tegemoetkoming voor de kosten van verhuizing en inrichting als genoemd in artikel 15 onder a van de Verordening bedraagt € 2.619,00.
**4..** Aan een persoon, die op verzoek van de gemeente, ten behoeve van een gehandicapte de woonruimte, bestemd voor permanente bewoning, heeft ontruimd kan een bedrag verstrekt worden van € 4.910,00.
**5..** Een financiële tegemoetkoming in de kosten van onderhoud, keuring en reparatie van de woonvoorziening kan alleen verstrekt worden voor de hieronder vermelde voorzieningen:
trapliften;
rolstoel- of sta-plateauliften;
woonhuisliften;
patiëntenliften;
mechanische inrichting voor het verstellen van een in hoogte verstelbaar keukenblok, bad of wastafel;
elektrische deuropeners.
De hierboven, onder a, genoemde tegemoetkoming is gelijk aan de daadwerkelijkekosten.
**6..** De hoogte van een door het college te verlenen financiële tegemoetkoming voor tijdelijke huisvesting is vastgesteld op:
de werkelijke kosten van het tijdelijk betrekken van zelfstandige woonruimte en het langer moeten aanhouden van de te verlaten woonruimte, met een maximum van € 631,00 per maand.
de werkelijke kale huurlasten van het tijdelijk betrekken van een niet-zelfstandige woonruimte, met een maximum van € 314,98 per maand.
**7..** De hoogte van een door het college te verlenen financiële tegemoetkoming in de kosten van huurderving bedraagt maximaal € 631,00 per maand. De vergoeding wordt niet eerder verleend dan vanaf de tweede maand waarin sprake is van huurderving.
**8..** Het bedrag dat als maximum verstrekt wordt bij het bezoekbaar maken als genoemd in artikel 12 lid 2 van de Verordening bedraagt € 2.500,00.
**9..** Indien de technische levensduur van een woonwagen of een woonschip ten tijde van indiening van de aanvraag minder dan vijf jaar is, of de standplaats van de woonwagen binnen vijf jaar voor opheffing in aanmerking komt of het woonschip niet tenminste nog vijf jaar op de ligplaats mag liggen, bedraagt de tegemoetkoming of het persoonsgebonden budget voor aanpassing maximaal € 2.500,00.
bij de toepassing van hetgeen hierboven onder a. is genoemd wordt uitgegaan van een woonwagen dan wel een woonschip, zoals genoemd in de Huisvestingswet.
Hoofdstuk 4.
Artikel 7.
Vaststelling bedrag financiële tegemoetkoming of persoonsgebonden budget voor woonvoorzieningen
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning De Ronde Venen 2014