Naar hoofdinhoud
Eigen bijdragen voor verblijfsopvang Er is een eigen bijdrage voor verblijf verschuldigd indien een cliënt langer dan één etmaal gebruik maakt van de volgende voorzieningen: - 24 uurs c.q. voltijd verblijf Maatschappelijke Opvang (incl. crisisopvang); - 24 uurs c.q. voltijd verblijf Vrouwenopvang (incl. crisisopvang); - begeleid wonen (BW), niet zijnde begeleid zelfstandig wonen (BZW) De eigen bijdrage is verschuldigd voor ieder etmaal dat de cliënt verblijft in de 24 uurs verblijfsopvang of begeleid wonen, maar bedraagt nooit meer dan de volledige kostprijs van de betreffende voorziening. Een deel van een etmaal wordt als heel etmaal berekend. Het college is bevoegd tot vaststelling en inning van de eigen bijdrage. Het college kan met betrekking tot de vaststelling en de inning nadere regels stellen. Het college stelt de hoogte van de eigen bijdrage vast op het wettelijk toegestane maximumbedrag, hierbij rekening houdende met het bepaalde in artikel 4.7 van het Besluit maatschappelijke ondersteuning (Bmo), zijnde de norm voor persoonlijke uitgaven. De eigen bijdrage is maximaal de werkelijke kostprijs voor verblijf binnen de instelling. Indien bij gehuwden/geregistreerd partners of samenwonenden, één van beide partners gebruik maakt van de 24 uurs verblijfsopvang of begeleid wonen, wordt bij het bepalen van de bijstandsnorm de regelgeving in de Wet werk en bijstand voor "opname in een inrichting" gevolgd. De norm is dan de som van de normen die voor ieder van hen als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. Uitgangspunt is dat de cliënt alle mogelijke moeite doet om voldoende inkomen te verwerven. De cliënt dient daarbij beroep te doen op aanvullende financiële mogelijkheden voor zover deze van toepassing zijn, zoals het aanvragen van kinderbijslag, kindgebonden budget, kinderopvangtoeslag, huurtoeslag, zorgtoeslag of bijzondere bijstand voor woonlasten. Indien de instelling bij 24 uurs verblijfsopvang dan wel begeleid wonen aan de cliënt geen voeding verstrekt, wordt de eigen bijdrage verminderd met een bedrag voor voeding, tenzij de cliënt naar het oordeel van het college verzuimt om voldoende inkomen te verwerven zoals genoemd in lid 3.6. Het bedrag voor voeding is gelijk aan het normbedrag dat het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) berekent. Voor cliënten die gebruik maken van de crisisopvang en tegelijk nog kosten hebben voor een zelfstandige woonruimte, wordt de eigen bijdrage gedurende maximaal 6 maanden verminderd met een forfaitair bedrag voor dubbele woonlasten, zijnde 20% van de bijstandsnorm. De hoogtes van de eigen bijdragen voor 24 uurs verblijfsopvang worden jaarlijks op 1 januari en 1 juli gewijzigd op basis van de dan geldende bijstandsnorm, de norm voor persoonlijke uitgaven (zak- en kleedgeld), de richtlijnen voor zorgverzekering en de normen van het Nibud (Nederlands instituut budgetvoorlichting). De hoogte van de eigen bijdrage voor begeleid wonen is gebaseerd op de volledige feitelijke woonlasten, ongeacht het inkomen van de cliënt en rekening houdend met het bepaalde in artikel 4.7 van het Besluit maatschappelijke ondersteuning (Bmo). De hoogte van de eigen bijdrage voor Begeleid Wonen wordt jaarlijks op 1 januari verhoogd of verlaagd op basis van de feitelijke woonlasten (huur vermeerderd met directe woonlasten).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel