De belasting wordt niet geheven met betrekking tot honden:
beneden de leeftijd van twee maanden, voor zover zij tegelijk met de moederhond worden gehouden;
boven het aantal van twee, indien de honden uitsluitend voor verkoop worden gehouden door een houder met een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de dierenbescherming en waarbij geen sprake is van een kennel als bedoeld in artikel 3, derde lid van deze verordening;
die in een hondenasiel verblijven, indien de eigenaar van een dergelijke inrichting houder is van een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de dierenbescherming met uitzondering van de honden die ter verzorging in bewaring zijn genomen ten behoeve van de houder;
die uitsluitend dienen om blinde personen, doven of slechthorenden te leiden of personen met een motorische handicap behulpzaam te zijn dan wel hiervoor in opleiding zijn onder overlegging van een verklaring van een medisch specialist;
waarvan de houder in het bezit is van een geldig diploma van de Koninklijke Nederlandse Politiehondenvereniging, mits de houder zich verbonden heeft zijn hond met een geleider, aan wiens bevelen de hond gehoorzaamt, op aanvraag ter beschikking van de politie te stellen.
Artikel 8
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2014