Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing Maasgouw 2014

De belasting bedoeld in de onderdelen 1.1 tot en met 1.3 en 1.5 van de tarieventabel, is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de in het eerste lid bedoelde belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing van de in het eerste lid bedoelde belasting voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander perceel gebruik maakt. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt wordt het in hoofdstuk 1, onderdeel 1.4 , van de tarieventabel genoemde aantal ledigingen bepaald op zoveel twaalfde gedeelten van dit aantal als er in dat jaar, na aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt wordt het in hoofdstuk 1, onderdeel 1.4 , van de tarieventabel genoemde aantal ledigingen bepaald op zoveel twaalfde gedeelten van dit aantal als er in dat jaar, voor het einde van de belastingplicht, volle kalendermaanden zijn verstreken. De krachtens het vijfde en zesde lid herleide aantallen worden naar beneden afgerond op hele aantallen. De belasting bedoeld in onderdeel 1.4 en hoofdstuk 2 van de tarieventabel is verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van bezittingen, werken of inrichtingen. In afwijking in zoverre van het eerste lid, is de belasting bedoeld in onderdeel 1.5 van de tarieventabel verschuldigd op het moment van het ter beschikking stellen van de extra container, indien deze in de loop van het belastingjaar ter beschikking wordt gesteld. De in het tweede en derde lid bedoelde heffing naar tijdsgelang is van overeenkomstige toepassing. Bij omwisseling van een minicontainer als bedoeld in hoofdstuk 2, onderdeel 2.1, van de tarieventabel vinden met betrekking tot de belasting bedoeld in hoofdstuk 1, onderdeel 1.3, het tweede en derde lid overeenkomstige toepassing. Het in hoofdstuk 1, onderdeel 1.4 , van de tarieventabel genoemde aantal ledigingen wordt per minicontainer herberekend naar tijdsgelang, waarbij het vijfde en zesde lid van overeenkomstige toepassing zijn.

Rechtspraak bij dit artikel