Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Retributieverordening 2014

1.. De rechten, waarop artikel 4 van toepassing is, zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar of, zo dit later is, bij aanvang van de belastingplicht. 2.. Indien de belastingplicht, waarop artikel 4 van toepassing is, in de loop van het jaar aanvangt, zijn de rechten, in zoverre in afwijking van artikel 3, tweede lid, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.. Indien de belastingplicht, waarop artikel 4 van toepassing is, in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Artikel 7 Termijnen van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 5, eerste lid: a.mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; b.schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen dertig dagen na de dagtekening van de kennisgeving. 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel 8 Kwijtschelding Bij de invordering van retributies wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 9 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de retributies. Artikel 10 Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeertitel 1.De “Retributieverordening 2012” vastgesteld bij raadsbesluit van 22 december 2011, laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 22 november 2012, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van bekendmaking. 3.De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014. 4.Deze verordening wordt aangehaald als “Retributieverordening 2014”. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 7 november 2013, de griffier, de voorzitter, drs. F.A van Hooijdonk A.J. Gerritsen Tarieventabel 2014, behorende bij de “Retributieverordening 2014” raadsbesluit van 7 november 2013 tarief 2014 tarief 2013 1. Aansluitingen op de gemeentelijke riolering 1.1 Het recht bedraagt voor: 1.1.1 Het aansluiten op de gemeentelijke riolering gelijktijdig met het aanleggen van het hoofdriool of in een reeds bestaande weg op een bestaand riool: Kostprijs Kostprijs vermeerderd met € 79,80 € 77,45 1.1.2 Voor het in artikel 1.1.1 genoemde geldt dat het bedrag verhoogd dient te worden met de meerkosten van het herstel en het onder-houd van de opengebroken wegverharding, waarbij er van uitgegaan dient te worden, dat ten behoeve van 1 meter riool-leiding, 0,70 vierkante meter verharding moet worden hersteld, c.q. moet worden onderhouden. 2. Aanbrengen van inritten 2.1 Het recht bedraagt voor: 2.1.1 het aanbrengen van een inrit: Kostprijs Kostprijs vermeerderd met € 71,55 € 69,45 2.1.2 het verplaatsen van lichtmasten, rioolkolken en het wegonderhoud voor inritten waarvoor geen verdere werkzaamheden hoeven te worden verricht, per inrit Kostprijs Kostprijs 3. Plaatsen van uniforme verwijsborden 3.1 Het recht bedraagt voor: 3.1.1 de plaatsing van een eenregelig verwijsbord € 201,70 € 195,80 3.1.2 de plaatsing van een tweeregelig verwijsbord € 206,00 € 200,00 3.1.3 de plaatsing van een drieregelig verwijsbord € 219,20 € 212,80 3.2 Voor het onderhoud en schoonmaken van verwijsborden wordt per jaar een bedrag berekend, bestaande uit het aantal verwijsborden vermenigvuldigd met 25% van het onder de artikel 3.1.1, 3.1.2 of 3.1.3 genoemde bedrag. 4. Huisnummering 4.1 Het recht bedraagt voor: 4.1.1 het leveren en aanbrengen van een huisnummerbord aan een woning, per huisnummerbord € 14,95 € 14,55 Alle in deze verordening opgenomen bedragen zijn exclusief omzetbelasting, indien deze verschuldigd is. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 7 november 2013, de griffier, de voorzitter, drs. F.A van Hooijdonk A.J. Gerritsen

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel