Versie geldig vanaf 1 januari 2014
Verordening leges 2014
Verantwoordelijke afdelingen
Publiekszaken en ROBM
De getoonde verordeningen zijn een weergave van de actuele situatie. Voor
historische informatie hiervan kunt u contact opnemen met het Servicecentrum
Drechtsteden, onderdeel Documentaire Informatievoorziening, e-mail:
gemeente@sliedrecht.nl.
De raad van de gemeente Sliedrecht;
gezien het voorstel van burgemeester en wethouders;
gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, 229,
eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en artikel 1 van de
Wet van 13 oktober 2011, houdende regeling van een grondslag voor de heffing
van rechten voor de Nederlandse identiteitskaart (Stb. 2011, 440);
b e s l u i t :
vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van leges
2014.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Deze verordening verstaat onder:
’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een
dag als een hele dag wordt aangemerkt;
’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;
’maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand
tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand;
’jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar
tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;
'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december.
Artikel 2 Belastbaar feit
Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:
het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;
het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een
Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de
Paspoortwet;
een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende
tarieventabel.
Artikel 3 Belastingplicht
Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst of van de Nederlandse
identiteitskaart, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend
of de handelingen zijn verricht.
Artikel 4 Vrijstellingen
Leges worden niet geheven voor:
diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke
ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;
diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of
gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van
voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag
betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als
bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht;
het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een
omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, van
de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit
betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht
(omgevingsvergunning beperkte milieutoets);
het afgeven van bewijzen van onvermogen.
Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven
De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven opgenomen in de bij
deze verordening behorende tarieventabel;
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een
projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en
herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze
verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een
aanvraag voor het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of
enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van
het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging
van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid van de Crisis-
en herstelwet.
Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van de in de
tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
Artikel 6 Wijze van heffing
De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een
gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een
stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt
mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke
kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 7 Termijnen van betaling
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten
de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel
6:
mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;
schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving,
dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na de dagtekening
van de kennisgeving.
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
gestelde termijnen.
Artikel 8 Kwijtschelding
Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 9 Teruggaaf
Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de
bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt
verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die
tarieventabel opgenomen bepaling.
Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden
Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de
wijzigingen:
van zuiver redactionele aard zijn;
een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking
treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de
inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de
volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel
betreft:
onderdeel 1.1.9 (akten burgerlijke stand);
hoofdstuk 2 (reisdocumenten);
hoofdstuk 3 (rijbewijzen);
onderdeel 1.4.5 en 1.4.6 (verstrekking uit de basisregistratie personen met
behulp van alternatieve media of schriftelijk);
hoofdstuk 6 (verstrekkingen op grond van de Wet bescherming
persoonsgegevens);
onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);
hoofdstuk 16 (kansspelen);
een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen
of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is
gehouden.
Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en
wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.
Artikel 12 Overgangsrecht
De ‘Verordening leges 2013’ van 28 november 2012 wordt ingetrokken met
ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met
dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die
zich voor die datum hebben voorgedaan.
Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van
de bekendmaking.
De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.
Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening leges 2014”.
Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
Sliedrecht
op 10 december 2013.
De griffier, De voorzitter,
Overbeek drs. A.P.J. van Hemmen
Tarieventabel, behorende bij de Legesverordening 2014.
Indeling tarieventabel
Titel 1 Algemene dienstverlening
Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand
Hoofdstuk 2 Reisdocumenten
Hoofdstuk 3 Rijbewijzen
Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Gemeentelijke basisadministratie
persoonsgegevens
Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister
Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming
persoonsgegevens
Hoofdstuk 7 Bestuursstukken
Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie
Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken
Hoofdstuk 10 Gemeentearchief
Hoofdstuk 11 Huisvestingswet
Hoofdstuk 12 Leegstandwet
Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie
Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen
Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet
Hoofdstuk 16 Kansspelen
Hoofdstuk 17 Telecommunicatie
Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer
Hoofdstuk 19 Diversen
Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke
leefomgeving/omgevingsvergunning
Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen
Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordelen conceptaanvraag
Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning
Hoofdstuk 4 Vermindering
Hoofdstuk 5 Teruggaaf
Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning
Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging
project
Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten
Hoofdstuk 9 Vervallen
Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking
Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese
dienstenrichtlijn
Hoofdstuk 1 Horeca
Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten
Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven
Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte
Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening
Hoofdstuk 6 Brandbeveiligingsverordening
Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde beschikking
Titel 1 Algemene dienstverlening
Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand
1.1.1
Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van
een partnerschap op:
1.1.1.1
Maandag tot en met vrijdag (inclusief loper)
€ 364,00
1.1.1.2
Op zaterdag en zondag, door het gemeentebestuur aangewezen verplichte ADV
dagen of algemeen erkende feestdagen, waaronder worden verstaan de in
artikel 3 van de Algemene termijnenwet als zodanig genoemde en bij of
krachtens dat artikel daarmee gelijkgestelde dagen (inclusief loper)
€ 900,00
1.1.2
Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in
een huwelijk indien daarbij gebruik gemaakt wordt van de trouwzaal of een
andere door de gemeente hiertoe aangewezen ruimte op:
1.1.2.1
Maandag tot en met vrijdag
€ 364,00
1.1.2.2
Op zaterdag en zondag, door het gemeentebestuur aangewezen verplichte ADV
dagen of algemeen erkende feestdagen, waaronder worden verstaan de in
artikel 3 van de Algemene termijnenwet als zodanig genoemde en bij of
krachtens dat artikel daarmee gelijkgestelde dagen
€ 900,00
1.1.3
Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van
een partnerschap in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van
het Burgerlijk Wetboek
€ 0,00
1.1.4
Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in
een huwelijk in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het
Burgerlijk Wetboek
€ 0,00
1.1.5
Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:
1.1.5.1
een trouwboekje of partnerschapboekje
€ 28,00
1.1.6
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van een lijst waarop zijn vermeld:
1.1.6.1
alle op één dag, in één week of in één maand geborenen en overledenen, voor
zover voor plaatsing op die lijst toestemming is verleend, voor elk op die
lijst vermelde aangifte
n.v.t.
1.1.6.2
alle op één dag, in één week of in één maand ondertrouwde en getrouwde paren
of geregistreerde partners, als voor plaatsing op die lijst toestemming is
verleend, voor elk op die lijst vermeld paar
n.v.t.
1.1.7
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
afsluiten van een abonnement op het verstrekken van lijsten als in 1.1.6.1
en 1.1.6.2 bedoeld:
n.v.t.
1.1.8
Het tarief bedraagt voor het doen van naspeuringen in de registers van de
burgerlijke stand, voor ieder daaraan besteed kwartier
€ 10,30
1.1.9
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een
stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het
tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke
stand:
voor elk afschrift van een akte van de burgerlijke stand
€ 12,50
voor elk uittreksel van een akte van geboorte, van huwelijk, van registratie
van een partnerschap of van overlijden
€ 12,50
voor elke verklaring van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 49a van
Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek
€ 22,30
voor elk meertalig uittreksel uit een akte van de burgerlijke stand
€ 12,50
voor de afgifte van een attestatie de vita
€ 12,50
1.1.10
Voor het gebruik maken van de diensten van gemeenteambtenaren voor het
fungeren als getuige bij een huwelijksvoltrekking of partnerregistratie, per
ingestelde ambtenaar
€ 15,70
Hoofdstuk 2 Reisdocumenten
1.2.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
1.2.1.1
tot het verstrekken van een nationaal paspoort, een reisdocument voor
vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen
€ 50,35
1.2.1.2
tot het verstrekken van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden
bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in 1.2.1.1
(zakenpaspoort)
€ 50,35
1.2.1.3
tot het verstrekken van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op
grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt
behandeld (faciliteitenpaspoort)
€ 50,35
1.2.1.4
tot het aanbrengen van een wijziging in een reisdocument als bedoeld in
1.2.1.1, 1.2.1.2 en 1.2.1.3
€ 9,37
1.2.2
Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een
aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2,
tweede lid, van de Paspoortwet:
1.2.2.1
voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van veertien
jaar nog niet heeft bereikt
€ 31,85
1.2.2.2
in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel 1.2.2.1
€ 41,90
1.2.3
De tarieven genoemd in de onderdelen 1.2.1.1 tot en met 1.2.1.3 en 1.2.2
worden bij een spoedlevering vermeerderd met een bedrag van
€ 46,60
Hoofdstuk 3 Rijbewijzen
1.3.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs
€ 34,00
1.3.2
Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering
vermeerderd met
€ 34,10
1.3.3
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van
gegevens uit het Centraal Register Rijbewijzen
€ 4,60
1.3.4
Indien aan de aanvrager van een rijbewijs eerder een rijbewijs werd
verstrekt en dit document bij de aanvraag niet compleet kan worden overlegd,
worden ter zake verschuldigde leges verhoogd met
€ 22,70
Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen
1.4.1
Voor de toepassing van dit hoofdstuk, met uitzondering van de onderdelen
1.4.3 en 1.4.4, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens
omtrent één persoon waarvoor de gemeentelijke basisadministratie
persoonsgegevens moet worden geraadpleegd.
1.4.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
1.4.2.1
tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking
€ 8,50
1.4.2.2
tot het afsluiten van een abonnement op het verstrekken van gegevens
gedurende de periode van één jaar:
1.4.2.2.1
voor 100 verstrekkingen
€ 258,00
1.4.2.2.2
voor 500 verstrekkingen
€ 658,00
1.4.2.2.3
voor 1.000 verstrekkingen
€ 891,00
1.4.2.2.4
voor 5.000 verstrekkingen
€ 2.693,00
1.4.2.2.5
voor 10.000 verstrekkingen
€ 3.597,00
1.4.2.3
tot het afsluiten van een abonnement op het wekelijks verstrekken van een
opgave van verhuizingen binnen de gemeente, vertrekken uit de gemeente en
vestigingen in de gemeente
€ 258,00
1.4.3
Voor de toepassing van onderdeel 1.4.4 wordt onder één verstrekking verstaan
één of meer gegevens omtrent één persoon die niet zijn opgenomen in de
gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.
1.4.4
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
1.4.4.1
tot het verstrekken van gegevens: per verstrekking
€ 8,50
1.4.4.2
tot het afsluiten van een abonnement op het verstrekken van gegevens
gedurende de periode van één jaar:
1.4.4.2.1
voor 100 verstrekkingen
€ 258,00
1.4.4.2.2
voor 500 verstrekkingen
€ 658,00
1.4.4.2.3
voor 1.000 verstrekkingen
€ 891,00
1.4.4.2.4
voor 5.000 verstrekkingen
€ 2.693,00
1.4.4.2.5
voor 10.000 verstrekkingen
€ 3.597,00
1.4.5
In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in
behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens met
behulp van alternatieve media bedoeld in artikel 16, tweede lid, van het
Besluit basisregistratie personen
€ 22,69
1.4.6
In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in
behandeling nemen van een aanvraag tot het schriftelijk verstrekken van
gegevens bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie
personen
€ 2,27
1.4.7
Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de gemeentelijke
basisadministratie, voor ieder daaraan besteed kwartier
€ 15,70
Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister
1.5
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van een inlichting betreffende de registratie van de aanvrager
als kiezer bedoeld in artikel D4 van de Kieswet
€ 7,25
Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming
persoonsgegevens
1.6.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van een bericht als bedoeld in artikel 35 van de Wet bescherming
persoonsgegevens:
1.6.1.1
bij verstrekking op papier, indien het afschrift bestaat uit:
1.6.1.1.1
ten hoogste 100 pagina’s, per pagina
€ 0,23
met een maximum per bericht van
€ 5,00
1.6.1.1.2
meer dan 100 pagina’s
€ 22,50
1.6.1.2
bij verstrekking anders dan op papier
€ 5,00
1.6.1.3
dat bestaat uit een afschrift van een, vanwege de aard van de verwerking,
moeilijk toegankelijke gegevensverwerking
€ 22,50
1.6.2
Indien voor hetzelfde bericht op grond van de onderdelen 1.6.1.1, 1.6.1.2 en
1.6.1.3 meerdere vergoedingen kunnen worden gevraagd, wordt slechts de
hoogste gevraagd.
1.6.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzet als bedoeld
in artikel 40 van de Wet bescherming persoonsgegevens
€ 4,50
Hoofdstuk 7 Bestuursstukken
1.7.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van:
1.7.1.1
een exemplaar van de gemeentebegroting
€ 35,00
1.7.1.2
een exemplaar van de gemeenterekening
€ 35,00
1.7.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
1.7.2.1
tot het verstrekken van:
1.7.2.1.1
een afschrift van het verslag van een raadsvergadering
€ 3,50
1.7.2.1.2
een afschrift van de voorstellen behorende bij een raadsvergadering
€ 6,90
1.7.2.2
tot het afsluiten van een abonnement voor een kalenderjaar:
1.7.2.2.1
op de verslagen van de raadsvergaderingen
€ 35,00
1.7.2.2.2
op de voorstellen behorende bij de raadsvergaderingen
€ 68,00
1.7.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
1.7.3.1
tot het verstrekken van:
1.7.3.1.1
een afschrift van het verslag van een vergadering van een raadscommissie,
per pagina
n.v.t.
1.7.3.1.2
een afschrift van de stukken behorende bij een vergadering van een
raadscommissie, per pagina
n.v.t.
1.7.3.2
tot het afsluiten van een abonnement voor een kalenderjaar:
1.7.3.2.1
op de verslagen van de vergaderingen van een raadscommissie
n.v.t.
1.7.3.2.2
op de stukken behorende bij de vergaderingen van een raadscommissie
n.v.t.
1.7.4
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
1.7.4.1
tot het verstrekken van het gemeenteblad
n.v.t.
1.7.4.2
tot het afsluiten van een abonnement voor een kalenderjaar op het
gemeenteblad
n.v.t.
1.7.5
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van:
1.7.5.1
een afschrift van de Bouwverordening
€ 35,00
1.7.5.2
een afschrift van de toelichting op de Bouwverordening
€ 28,75
1.7.5.3
een afschrift van de Algemene Plaatselijke verordening
€ 17,30
1.7.5.4
een afschrift voor een andere verordening
€ 12,70
Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie
1.8.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van:
1.8.1.1
Betreffende voorschriften en toelichting bestemmingsplan e.d.:
tot en met 15 pagina’s, per pagina
€ 0,50
van 16 tot en met 30 pagina’s
€ 8,65
van 31 tot en met 70 pagina’s
€ 11,20
vanaf pagina 71, per pagina
€ 0,05
1.8.1.2
Betreffende plankaart:
formaat tot A2, per plankaart
€ 7,85
1.8.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:
1.8.2.1
de gemeentelijke basisregistratie adressen of de gemeentelijke
basisregistratie gebouwen, bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistraties
adressen en gebouwen
€ 15,15
1.8.2.2
de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet
€ 15,15
1.8.2.3
de inschrijving in het register bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de
Monumentenwet 1988
n.v.t.
1.8.2.4
het openbare register van beschermde monumenten bedoeld in artikel 20 van de
Monumentenwet 1988
n.v.t.
1.8.2.5
het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke
beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet
kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, dan wel tot het verstrekken van
een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9,
eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke
beperkingen
€ 9,40
1.8.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van kopieën van:
1.8.3.1
het gemeentelijke adressenbestand of delen daarvan, per adres
€ 15,15
1.8.3.2
het gemeentelijke relatiebestand adres-kadastraal perceel of delen daarvan,
per gelegde relatie
€ 15,15
1.8.3.3
het gemeentelijke adrescoördinatenbestand of delen daarvan, per
adrescoördinaat
€ 15,15
Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken
1.9
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
1.9.1
tot het verstrekken van een verklaring omtrent het gedrag
€ 30,05
1.9.2
tot het verstrekken van een bewijs van in leven zijn
€ 4,75
1.9.3
tot het legaliseren van een handtekening
€ 4,75
Hoofdstuk 10 Gemeentearchief
10.1
Het tarief bedraagt voor het op verzoek:
10.1.1
doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor
ieder daaraan besteed kwartier
€ 15,40
10.1.2
verlenen van inzage in bescheiden uit het archief betreffende een bestaand
bouwwerk, voor elk hieraan besteed kwartier of gedeelte daarvan
€ 15,40
10.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van:
10.2.1
een afschrift of fotokopie van een in het gemeentearchief berustend stuk,
per pagina
€ 0,55
10.2.2
een uittreksel uit een in het gemeentearchief berustend stuk
€ 4,70
Hoofdstuk 11 Huisvestingswet
11
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
11.1
tot het verlenen van een voorrangsverklaring als bedoeld in de
huisvestingsverordening
€ 56,25
11.2
tot het verlenen van een vergunning voor het gaan gebruiken van zelfstandige
woonruimte voor kamerverhuur als bedoeld in de huisvestingsverordening
€ 192,00
Hoofdstuk 12 Leegstandwet
12
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
12.1
tot het verlenen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande
woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet
€ 46,75
12.2
tot het verlengen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte
als bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van de Leegstandwet
€ 23,40
Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie
13
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
13.1
tot het verstrekken van een gemeentegarantie
€ 17,30
13.2
tot het instemmen met het wijzigen of omzetten van een door de gemeente
gegarandeerde hypothecaire geldlening
€ 8,35
Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen
14
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van:
14.1
een standplaatsvergunning als bedoeld in artikel 6 van de Marktverordening
2006
Zie de martkgelden
Toelichting: Dit tarief is opgenomen in de Verordening marktgelden 2014
Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet
15
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
15.1
tot het verlenen van een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet
€ 17,30
15.2
tot het wijzigen van een in onderdeel 1.15.1 bedoelde ontheffing
€ 17,30
Hoofdstuk 16 Kansspelen
16.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de
Wet op de kansspelen:
16.1.1
voor een periode van twaalf maanden voor één speelautomaat
€ 56,50
16.1.2
voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer speelautomaten, voor
de eerste speelautomaat
€ 56,50
en voor iedere volgende speelautomaat
€ 34,00
16.1.3
Indien de aanwezigheidsvergunning geldt voor een tijdvak, korter dan 12
maanden of langer dan 12 maanden doch ten hoogste 4 jaar dan worden genoemde
bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning
verlaagd onderscheidenlijk verhoogd.
16.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de
kansspelen (loterijvergunning)
€ 17,30
16.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 28 van de Wet op de
kansspelen (prijsvraagvergunning)
€ 17,30
16.4
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:39 van de Algemene
plaatselijke verordening
€ 17,30
Hoofdstuk 17 Telecommunicatie
Niet van toepassing
Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer
18
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
18.1
tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990
€ 17,30
18.2
tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de
Regeling voertuigen
€ 17,30
18.3
tot het verstrekken van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel
49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer
(BABW)
€ 6,20
18.4
tot het plaatsen van een verkeersbord waarmee een gereserveerde
gehandicaptenparkeerplaats wordt aangegeven, als bedoeld in artikel 67 RVV
en 29 BABW
€ 155,00
18.5
tot het wijzigen of verplaatsen van een kentekenbord bij een gereserveerde
gehandicaptenparkeerplaats, als bedoeld in artikel 67 RVV en 29 BABW
€ 52,00
Hoofdstuk 19 Diversen
19.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verstrekken van informatie betreffende een bestaand bouwwerk op
bestandsgrootte:
A4
tot en met 15 pagina’s
per pagina
€ 0,65
van 16 tot en met 30 pagina’s
€ 12,00
van 31 tot en met 70 pagina’s
€ 15,15
van 71 tot en met 110 pagina’s
€ 18,30
vanaf pagina 111
per pagina
€ 0,15
Tekening
per kopie
€ 7,85
A3
per pagina
€ 1,05
Tekening
per kopie
€ 10,50
A2
prijs tot en met 3 kopieën
per kopie
€ 13,10
prijs kopie 4
per kopie
€ 7,85
prijs kopie 5
per kopie
€ 6,50
prijs kopie 6
per kopie
€ 5,50
prijs kopie 7
per kopie
€ 4,45
prijs kopie 8 en verder
per kopie
€ 3,45
A1
prijs tot en met 3 kopieën
per kopie
€ 14,40
prijs kopie 4
per kopie
€ 8,90
prijs kopie 5
per kopie
€ 7,85
prijs kopie 6
per kopie
€ 6,50
prijs kopie 7
per kopie
€ 5,50
prijs kopie 8 en verder
per kopie
€ 4,45
A0
prijs tot en met 3 kopieën
per kopie
€ 16,50
prijs kopie 4
per kopie
€ 11,00
prijs kopie 5
per kopie
€ 9,95
prijs kopie 6
per kopie
€ 8,90
prijs kopie 7
per kopie
€ 7,85
prijs kopie 8 en verder
per kopie
€ 6,50
19.2
een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel
of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen
€ 4,70
19.3
stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden
opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere
wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina
€ 4,70
Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/
omgevingsvergunning
Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen
2.1.1
Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:
2.1.1.1
aanlegkosten:
de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste
lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van
werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor het uit te
voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten,
de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien de werken of werkzaamheden geheel
of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder
aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer
zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag
betrekking heeft;
2.1.1.2
bouwkosten:
de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste
lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van
werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor het uit te
voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten,
exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of
zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen
geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel
onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch
verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het
bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft;
2.1.1.3
Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
2.1.2
In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben
dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.
2.1.3
In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn
omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het
toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben
dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.
Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag
2.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
2.2.1
om vooroverleg in verband met het verkrijgen van een indicatie of een
voorgenomen project in het kader van de Wabo vergunbaar is
n.v.t.
2.2.2
om beoordeling van een conceptaanvraag om een omgevingsvergunning:
25%
van de leges zoals deze bij een daadwerkelijke aanvraag om een
omgevingsvergunning voor het project zouden worden vastgesteld.
Met een minimum bedrag van
€ 116,00
Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning
2.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een omgevingsvergunning voor een project: de som van de
verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen
waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag
betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in
verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven
en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze
titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling
of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.
2.3.1
Bouwactiviteiten
2.3.1.1
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a,
van de Wabo, bedraagt het tarief:
2.3.1.1.1
indien de bouwkosten niet meer dan € 9.700,-- bedragen:
2,91%,
van de bouwkosten, met een minimum van:
€ 116,00
2.3.1.1.2
vermeerderd met
2,79%
van de bouwkosten van € 9.701,-- t/m € 37.800,-- ;
2.3.1.1.3
vermeerderd met
2,56%
over de bouwkosten van € 37.801,-- t/m € 190.800,--,
2.3.1.1.4
vermeerderd met
2,32%
over de bouwkosten van € 190.801,-- t/m € 381.500,--,
2.3.1.1.5
vermeerderd met
2,08%
over de bouwkosten van € 381.501,-- en hoger tot een maximum van €
25.000.000,- aan bouwkosten.
Welstandstoets
2.3.1.2
Indien in verband met een toetsing aan de welstandscriteria hierover een
advies van de welstandscommissie behoeft te worden ingewonnen wordt het
verschuldigde bedrag op grond van onderdeel 2.3.1.1 verhoogd voor:
2.3.1.2.1
Reclames met
€ 55,00
2.3.1.2.2
bouwkosten lager dan € 4.000,-- met
€ 55,00
2.3.1.2.3
bouwkosten van € 4.000,-- tot € 25.000,-- met
€ 51,00
te verhogen met
0,2%
van de bouwkosten.
2.3.1.2.4
bouwkosten van € 25.000,-- tot € 120.000,-- met
€ 77,00
te verhogen met
0,11%
van de bouwkosten.
2.3.1.2.5
bouwkosten van € 120.000,-- tot € 230.000,-- met
€ 123,00
te verhogen met
0,11%
van de bouwkosten.
2.3.1.2.6
bouwkosten van € 230.000,-- tot € 455.000,-- met
€ 262,00
te verhogen met
0,06%
van de bouwkosten.
2.3.1.2.7
bouwkosten van € 455.000,-- en hoger met
€ 494,00
te verhogen met
0,025%
van de bouwkosten tot een maximum van € 20.000.000,-- aan bouwkosten.
Verplicht advies agrarische commissie
2.3.1.3
Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien
krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag
een advies van de agrarische commissie nodig is en wordt beoordeeld:
€ 605,00
Achteraf ingediende aanvraag
2.3.1.4
Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien
de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of
gereedkomen van de bouwactiviteit:
125%
van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges.
Beoordeling aanvullende gegevens
2.3.1.5
Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief voor het
in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de
in dat onderdeel bedoelde aanvraag al in behandeling is genomen:
n.v.t.
Verhoging in verband met toetsing brandveiligheid
2.3.1.6
Indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwplan dat tevens uit een
oogpunt van brandveiligheid wordt beoordeeld, wordt het verschuldigde bedrag
tarief op grond van onderdeel 2.2 verhoogd, gebaseerd op het te beoordelen
oppervlak, één en ander volgens onderstaande tabel:
Oppervlakte
1*
2*
3*
< 100 m²
€ 344,55
€ 535,20
€ 1697,80
< 500 m²
€ 480,10
€ 731,20
€ 2259,50
< 1.000 m²
€ 535,20
€ 807,60
€ 3389,20
< ½ ha
€ 649,65
€ 982,40
€ 4011,30
> ½ ha
€ 710,00
€ 1058,80
€ 4803,00
*) 1. voor bouw en middenstand;
voor bouw ambachtelijke bedrijven en middelgrote industrieën
voor grote industrieën.
2.3.2
Aanlegactiviteiten
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder
b, van de Wabo, bedraagt het tarief:
indien de aanlegkosten niet meer dan € 9.700,-- bedragen
2,91%
van de aanlegkosten met een minimumtarief van
€ 116,00
vermeerderd met
2,79%
over de aanlegkosten van € 9.701,-- t/m € 37.800,--,
vermeerderd met
2,56%
over de aanlegkosten van € 37.801,-- t/m € 190.800,--,
vermeerderd met
2,32%
over de aanlegkosten van € 190.801,-- t/m € 381.500,--,
vermeerderd met
2,08%
over de aanlegkosten van € 381.501,-- en hoger.
2.3.3
Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een
bouwactiviteit
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van
de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel
2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het
bepaalde in onderdeel 2.3.1:
2.3.3.1
indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt
toegepast (binnenplanse afwijking):
€ 257,50
2.3.3.2
indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt
toegepast (buitenplanse kleine afwijking):
€ 257,50
2.3.3.3
indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt
toegepast (buitenplanse afwijking):
€ 4.500,--
2.3.3.4
indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke
afwijking):
€ 257,50
2.3.3.5
indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast
(afwijking van exploitatieplan):
€ 257,50
2.3.3.6
indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit
in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde
lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c,
van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):
€ 257,50
2.3.3.7
indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit
in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde
lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c,
van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):
€ 257,50
2.3.3.8
indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast
(afwijking van voorbereidingsbesluit):
€ 257,50
2.3.4
Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een
bouwactiviteit
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van
de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in
artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:
2.3.4.1
indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt
toegepast (binnenplanse afwijking):
€ 257,50
2.3.4.2
indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt
toegepast (buitenplanse kleine afwijking):
€ 257,50
2.3.4.3
indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt
toegepast (buitenplanse afwijking):
€ 4.500,-
2.3.4.4
indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke
afwijking)
€ 257,50
2.3.4.5
indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast
(afwijking van exploitatieplan):
€ 257,50
2.3.4.6
indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit
in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde
lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c,
van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):
€ 257,50
2.3.4.7
indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit
in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde
lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c,
van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):
€ 257,50;
2.3.4.8
indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast
(afwijking van voorbereidingsbesluit):
€ 257,50;
2.3.5
In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot
brandveiligheid
2.3.5.1
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van
de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 233,00
2.3.5.1.1
vermeerderd met een toeslag als hieronder aangegeven.
Voor bouwwerken met een totaal gezamenlijk gebruiksoppervlakte:
Cat. 1: 0 t/m 100m² € 233,--
Cat. 2: 101 t/m 500m² € 96,-- + € 1,41 per m²
Cat. 3: 501 t/m 2.000m² € 530,-- + € 0,56 per m²
Cat. 4: 2.001 t/m 5.000m² € 1.316,-- + € 0,13 per m²
Cat. 5: 5.001 t/m 50.000m² € 1.810,-- + € 0,03 per m²
Cat. 6: meer dan 50.000m² € 2.880,-- + € 0,01 per m²
2.3.5.2
Indien de aanvraag om vergunning als bedoeld in 2.3.5.1 betrekking heeft op
een vergunning tot wijziging, dan wel uitbreiding van een vergunning
bedraagt het legestarief indien het betreft:
2.3.5.2.1
uitbreiding van de inrichting, met dien verstande dat de uitbreiding
tenminste 10% van de oorspronkelijke gebruiksoppervlakte beslaat het
legestarief vermeld in 2.7.1, met dien verstande dat de toeslag uitsluitend
wordt berekend over de oppervlakte van de uitbreiding
2.3.5.2.2
herindeling, interne verbouwing of gewijzigd gebruik van de gehele
inrichting, dan wel een deel van de inrichting, met dien verstande dat deze
herindeling tenminste 10% van de gebruiksoppervlakte beslaat
50%
van het legestarief vermeld onder 2.7.1 met dien verstande dat de toeslag
uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van de herindeling, interne
verbouwing of gewijzigd gebruik
2.3.6
Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde
stads- of dorpsgezichten
2.3.6.1
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als
bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, of op een
activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met
betrekking tot een krachtens provinciale verordening of de
Erfgoedverordening Sliedrecht 2010 aangewezen monument, waarvoor op grond
van die provinciale verordening of artikel 10, tweede lid, van die
gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt
het tarief:
2.3.6.1.1
voor het slopen:
€ 163,00
2.3.6.1.2
voor het verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een
monument:
n.v.t.
2.3.6.1.3
voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een
wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:
n.v.t.
2.3.6.2
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of
dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, van de Wabo, op
het slopen van een bouwwerk in een krachtens provinciale verordening of de
gemeentelijke verordening aangewezen stads- of dorpsgezicht, bedoeld in
artikel 2.2, eerste lid, onder c, van de Wabo, waarvoor op grond van die
provinciale verordening of het artikel van die gemeentelijke verordening een
vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:
€ 163,00
2.3.7
Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd
stads- of dorpsgezicht
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een
bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald,
bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het
tarief:
€ 163,00
Aanleggen of veranderen weg
2.3.8
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van
aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale
verordening of artikel 2:7 van de Algemene plaatselijke verordening een
vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en
eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 17,50
2.3.9
Uitweg/inrit
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een
uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of
artikel 2:8 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of
ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en
onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 17,50
2.3.10
Kappen
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van
een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2 van de
Bomenverordening Sliedrecht 2009 een vergunning of ontheffing is vereist,
als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo,
bedraagt het tarief:
€ 17,50
2.3.11
Opslag van roerende zaken
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de,
waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of
ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:
2.3.11.1
indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken,
bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo:
n.v.t.
2.3.11.2
indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of
gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende
zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de
Wabo:
n.v.t.
2.3.12
Projecten of handelingen in het kader van de
Natuurbeschermingswet 1998
2.3.12.1
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op handelingen in een beschermd natuurgebied die schadelijk kunnen
zijn voor het natuurschoon, de natuurwetenschappelijke betekenis of voor de
dieren of planten, als bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de
Natuurbeschermingswet 1998 bedraagt het tarief:
€ 116,00
2.3.12.2
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het realiseren van projecten of andere handelingen met gevolgen
voor habitats en soorten in een door de minister van Landbouw, Natuur en
Voedselkwaliteit aangewezen gebied als bedoeld in artikel 19d, eerste lid,
van de Natuurbeschermingswet 1998
€ 116,00
2.3.13
Handelingen in het kader van de Flora- en
Faunawet
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op een handeling waarvoor op grond van artikel 75, derde lid, van de
Flora- en Faunawet ontheffing nodig is, bedraagt het tarief
€ 257,50
2.3.14
Andere activiteiten
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de
voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of
handeling:
2.3.14.1
behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie
activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als
bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het
tarief:
€ 116,00
2.3.14.2
behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of
waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed
kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede
lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:
2.3.14.2.1
als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van
deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd
is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning. Als
de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd zonder
omgevingsvergunning bedraagt het tarief:
€ 116,00
2.3.14.2.2
als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de
voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een
omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een
begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt
een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de
begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor
deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
2.3.15
Omgevingsvergunning in twee fasen
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning op verzoek
in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de
Wabo, bedraagt het tarief per fase:
2.3.15.1
voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een
beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit
uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop
de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;
2.3.15.2
voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een
beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit
uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop
de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.
2.3.16
Beoordeling bodemrapport
Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk
bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat
onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:
2.3.16.1
voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport
€ 341,00
2.3.16.2
voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport de door de gemeente
verschuldigde advieskosten van de externe adviseur.
2.3.17
Advies
2.3.17.1
Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk
bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen
bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag
of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning:
het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag
om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit
een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is
opgesteld.
2.3.17.2
Indien een begroting als bedoeld in 2.3.17.1 is uitgebracht, wordt een
aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de
begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor
deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
2.3.18
Verklaring van geen bedenkingen
2.3.18.1
Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk
bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van
bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet
afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in
artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:
2.3.18.1.1
indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet
afgeven:
€ 257,50
2.3.18.1.2
indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet
afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de
aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten,
blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en
wethouders is opgesteld.
2.3.18.2
Indien een begroting als bedoeld in 2.3.18.1.2 is uitgebracht, wordt een
aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de
begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor
deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Hoofdstuk 4 Vermindering
2.4.1
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning is
voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg of beoordeling van een
conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag
betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling
van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor
het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld
in hoofdstuk 3.
2.4.2
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking
heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van
leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of
verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 2.3.17 en
2.3.18. De vermindering bedraagt:
2.4.2.1
bij 5 tot 10 activiteiten:
n.v.t.
van de voor die activiteiten verschuldigde leges;
2.4.2.2
bij 10 tot 15 activiteiten:
n.v.t.
van de voor die activiteiten verschuldigde leges;
2.4.2.3
bij 15 of meer activiteiten:
n.v.t.
van de voor die activiteiten verschuldigde leges.
Hoofdstuk 5 Teruggaaf
2.5.1
Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning
voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten
Als een aanvrager zijn aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning
voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of
sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1 t/m 2.3.1.1.5 en
2.3.2, intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de
gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De
teruggaaf bedraagt:
2.5.1.1
indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 2 weken na het
in behandeling nemen ervan
75 %
van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit
verschuldigde leges;
2.5.1.2
indien de aanvraag wordt ingetrokken na 2 weken na het in behandeling nemen
ervan
50 %
van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit
verschuldigde leges;
2.5.2
Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning
voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten
Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat
geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als
bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1 t/m 2.3.1.1.5 en 2.3.2, intrekt op aanvraag
van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de
leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 6 maanden na verlening van de
vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf
bedraagt:
50 %
van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit
verschuldigde leges.
2.5.3
Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning
voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten
2.5.3.1
Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of
gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in
de onderdelen 2.3.1.1 t/m 2.3.1.1.5 en 2.3.2 weigert, bestaat aanspraak op
teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
50 %
van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit
verschuldigde leges.
2.5.3.2
Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een
vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij
rechterlijke uitspraak.
2.5.4
Minimumbedrag voor teruggaaf
Een bedrag minder dan € 200,-- wordt niet teruggegeven.
2.5.5
Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen
bedenkingen
Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.17 en 2.3.18 wordt
geen teruggaaf verleend.
Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning
2.6
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot
gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld
in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2
van toepassing is:
€ 116,00
Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project
2.7
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot
wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de
omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:
€ 116,00
Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten
2.8.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid,
van de Wet ruimtelijke ordening
€ 4.500,-
2.8.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid,
onder a, van de Wet ruimtelijke ordening
€ 257,50
Hoofdstuk 9 Sloopmelding (vervallen)
Hoofdstuk 10 Bouwvergunning eerste of tweede fase op grond van oude
wetgeving
(vervallen)
Hoofdstuk 11 In deze titel niet benoemde beschikking
11
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
nemen van een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:
€ 116,00
Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn
Hoofdstuk 1 Horeca
3.1.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en
Horecawet
€ 118,70
3.1.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een vergunning op grond van artikel 2:28 van de Algemene
plaatselijke verordening
€ 118,70
3.1.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare
inrichting als bedoeld in artikel 2:29 van de Algemene plaatselijke
verordening
€ 22,25
3.1.4
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de
Drank- en Horecawet
€ 22,25
3.1.5
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als
bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet
€ 59,35
3.1.6
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de
Drank- en Horecawet
€ 22,25
3.1.7
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en
Horecawet
€ 22,25
Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten
3.2.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een vergunning voor het organiseren van een evenement, indien
het betreft:
3.2.1.1
een filmvertoning, bazaar, fancy-fair en dergelijke gelegenheden niet op de
openbare weg
€ 16,95
3.2.1.2
een straat- of buurtfeest
€ 16,95
3.2.1.3
een ander evenement als bedoeld in artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke
verordening
€ 45,00
3.2.2.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verkrijgen van een vergunning voor reclametekens
€ 21,75
3.2.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een ontheffing van het sluitingsuur voor café's, restaurants,
bars en dergelijke gelegenheden, bedoeld in de Algemene Plaatselijke
Verordening per ontheffing
€ 17,30
Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven
3.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
3.3.1
Tot het verlenen van een exploitatievergunning of wijziging van een
exploitatievergunning voor een seksinrichting of escortbedrijf
€ 117,00
3.3.2
Voor de werkzaamheden verbonden aan de beoordeling van een keuringsrapport,
behorende bij de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, genoemd in
3.3.1, worden de leges verhoogd met
€ 633,00
Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte
3.4
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een splitsingsvergunning als bedoeld in artikel 33 van de
Huisvestingswet
€ 17,30
Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening
3.5
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een ontheffing of vergunning als bedoeld in de
Leefmilieuverordening
n.v.t.
Hoofdstuk 6 Brandbeveiligingsverordening
3.6
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een vergunning met betrekking tot het brandveilig gebruik van
een inrichting, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de
Brandbeveiligingsverordening
€ 17,30
Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere
beschikking
3.7
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
verlenen van een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing
of tot het nemen van een andere beschikking
€ 17,30
Behorende bij raadsbesluit van 10 december 2013.
De griffier van de gemeente Sliedrecht,
Overbeek
Artikel 0
Dit artikel moet nog worden gesplitst
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van leges 2014
Verwijzingen
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 17
- artikel 16
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 3
- artikel 67 RVV
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 64
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 15
- artikel 15
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 75
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 9
- artikel 6
- artikel 16
- artikel 2
- artikel 6
- artikel 10
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 2
- artikel 9
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 64
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 5
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 30a
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 49a van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek
- artikel 2
- artikel 67 RVV
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 9
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 2
- artikel 4
- artikel 19d
- artikel 3