Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 9

verplichtingen

Onderdeel van Algemene subsidieverordening Bloemendaal 2009

1.. Het college kan de subsidieontvanger verplichtingen opleggen met betrekking tot: a.. aard en omvang van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend; b.. de administratie van aan de activiteiten verbonden uitgaven en inkomsten; c.. het vóór de subsidievaststelling verstrekken van gegevens en bescheiden die nodig zijn voor een beslissing omtrent de subsidie; d.. de te verzekeren risico’s; e.. het stellen van zekerheid voor verleende voorschotten; f.. het afleggen van rekening en verantwoording omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn; g.. het beperken of wegnemen van de nadelige gevolgen van de subsidie voor derden; h.. het uitoefenen van controle door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek op het door het bestuursorgaan gevoerde financiële beheer en de financiële verantwoording daarover. 2.. Het college kan de subsidieontvanger ook andere verplichtingen opleggen die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie. 3.. Het college kan niet-doelgebonden verplichtingen als bedoeld in artikel 4:39 van de Awb aan de subsidieverstrekking verbinden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel