**1..** De subsidieontvanger dient binnen dertien weken na afloop van de activiteiten of het tijdvak waarvoor de subsidie is verleend een aanvraag voor subsidievaststelling in, tenzij:
de subsidie ambtshalve door de commissie wordt vastgesteld;
dit in de uitvoeringsovereenkomst anders is geregeld;
in het besluit tot subsidieverlening (beschikking) anders is bepaald;
het een subsidiebesluit betreft waarbij het besluit tot subsidieverlening en subsidievaststelling samenvallen.
**2..** Bij de aanvraag tot subsidievaststelling wordt overeenkomstig het bepaalde in artikel 2.2 van deze verordening overgelegd een activiteitenverslag als bedoeld in artikel 4:80 Awb.
**3..** Naast de verplichtingen in voorgaande leden, kan de commissie voor zover zij dit noodzakelijk acht de instelling verplichten dat andere gegevens en bescheiden worden overgelegd.
**4..** Indien de instelling ingevolge wettelijk voorschrift verplicht is tot het opstellen van een jaarrekening als bedoeld in artikel 2:361 van het Burgerlijk Wetboek, of indien dit bij de subsidieverlening is bepaald, legt
zij in plaats van het financieel verslag de jaarrekening over.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
De aanvraag tot subsidievaststelling
Onderdeel van BIJZONDERE SUBSIDIEVERORDENING INTERNATIONALE BETREKKINGEN HELMOND 2014