Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Maatstaf van heffing en belastingtarief

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van reinigingsrecht 2014

1.Het recht als bedoeld in artikel 2 bedraagt per maand indien het bedrijf wordt ingedeeld in: Categorie 1 € 39,80 Categorie 2 € 79,60 Categorie 3 € 119,40 Indien geconstateerd wordt dat een bedrijf in strijd met deze verordening meer dan gemiddeld 12 zakken per week aanbiedt, wordt met terugwerkende kracht een tweede aanslag voor categorie 3 opgelegd en dient het bedrijf per direct een contract te sluiten met een erkende inzamelaar. De categorie waarin een bedrijf wordt ingedeeld, wordt bepaald aan de hand van de branche waarin het bedrijf werkzaam is en het aantal werkzame personen bij het bedrijf, met inachtneming van de maximaal aan te bieden hoeveelheid afval, conform de bij deze verordening vastgestelde tabel. De bedragen genoemd in het eerste lid zijn inclusief 21% omzetbelasting. Voor de indeling in een categorie is de situatie op 1 januari van het kalenderjaar bepalend. Als aantoonbaar is dat ook in voorgaande jaren afval werd aangeboden zonder te voldoen aan de bijhorende belastingplicht, kan over die periode een navordering worden geheven. In afwijking van lid 4 wordt dan bij nieuwe vestiging of bij belangrijke bedrijfsuitbreiding de indeling vastgesteld dan wel herzien op basis van de situatie op de 15de van de maand, eerstvolgende na vestiging of bedrijfsuitbreiding. Bij overschrijding van de toegestane hoeveelheid aan te bieden afval wordt de indeling in een categorie overeenkomstig aangepast met ingang van de datum waarvoor het hogere afvalaanbod geldt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel