Naar hoofdinhoud
1. In afwijking van artikel 5, eerste lid kan de aanvraag tot subsidieverlening worden ingediend tot en met 31 december 2016. 2. In afwijking van artikel 5 hoeft de aanvrager bij de aanvraag geen schriftelijke toelichting van de EBU te overleggen. 3. Onverminderd artikel 5 overlegt de aanvrager bij de aanvraag tot subsidieverlening in ieder geval de volgende documenten of bescheiden: een getekende intentieovereenkomst van minimaal één van de bewoners van de woningen die gerenoveerd worden; bewijs van deelname aan het garantiefonds, zoals bepaald in artikel 35; polis van de verzekering, zoals bepaald in artikel 35; samenwerkingsovereenkomst als de aanvrager bij een consortium hoort; getekende de-minimisverklaring voor de aanvrager en de betrokken ondernemingen in het consortium; getekende akkoordverklaring van de particuliere woningeigenaar dat de woning op verzoek van de aanvrager minimaal drie keer te bezichtigen is. 4. De beslissing op de aanvraag tot subsidieverlening vindt plaats op volgorde van binnenkomst. Als datum van binnenkomst geldt de datum waarop een volledige aanvraag is ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel