Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 15

Overige verplichtingen van de subsidieontvanger

Onderdeel van Algemene subsidieverordening samenleving gemeente Hellendoorn 2014

1.. De subsidieontvanger verricht de activiteiten, waarvoor de subsidie is verstrekt. 2.. De subsidieontvanger voert een zodanig ingerichte administratie, dat daaruit te allen tijde de voor de vaststelling van de subsidie van belang zijnde rechten en verplichtingen, alsmede de betalingen en ontvangsten kunnen worden nagegaan. 3.. De maximale omvang van de algemene reserve is 10 procent van het risicobedrag. 4.. Alle reserves worden in de jaarrekening toegelicht. Als de doelstelling waarvoor een bestemmingsreserve is gevormd, vervalt, dan wordt het saldo van deze reserve gezien als onderdeel van de algemene reserve. 5.. De subsidieontvanger informeert het college zo spoedig mogelijk schriftelijk over: besluiten of procedures die zijn gericht op de beëindiging van de activiteiten, waarvoor subsidie is verleend, dan wel ontbinding van de rechtspersoon; ontwikkelingen die er toe kunnen leiden dat aan de beschikking tot subsidieverlening of –vaststelling verbonden voorwaarden geheel of gedeeltelijk niet kunnen worden nagekomen; wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de rechtspersoon, de persoon van de bestuurder(s) en het doel van de rechtspersoon. 6.. De subsidieontvanger behoeft de toestemming van het college voor: het oprichten van dan wel deelnemen in een rechtspersoon; het wijzigen van de statuten anders dan genoemd in het voorgaande lid 5, onder c van dit artikel; het in eigendom verwerven, vervreemden of bezwaren van registergoederen dan wel het aangaan en beëindigen van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen of tot huur, verhuur of pacht van registergoederen, indien deze registergoederen mede zijn verworven door middel van subsidiegelden of de lasten daarvoor mede worden bekostigd uit de subsidiegelden; het aangaan van overeenkomsten tot zekerheidstelling; het ontbinden van de rechtspersoon; het doen van aangifte tot zijn faillissement of het aanvragen van zijn surcéance van betaling. 7.. Het college beslist binnen vier weken omtrent de toestemming. 8.. De beslissing kan eenmaal met vier weken worden verdaagd. 9.. Het college kan in de subsidieverlening bepalen onder welke voorwaarden een egalisatiereserve mag worden gevormd.

Rechtspraak bij dit artikel