Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 11.

Termijnen van betaling

Onderdeel van VERORDENING RIOOLHEFFING HELMOND 2014

1.. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later. 2.. In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer dan € 25,-- maar minder dan € 3.000,-- bedraagt, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen. De eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3.. De algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden genoemde termijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel