Secundaire bluswatervoorziening is een bluswatervoorziening die:
een brandweereenheid de mogelijkheid biedt om binnen vijftien minuten na aankomst met een water op de brandhaard te hebben en
geen grotere afstand tot de (te verwachten) brandhaard mag hebben dan 500 meter (inzetdiepte van een WTS500).
Aard
De secundaire bluswatervoorziening is een bluswatervoorziening die aanvullend is op de primaire bluswatervoorziening. Voorbeelden: geboorde putten, bluswaterriolen of een vijver.
Een secundaire bluswatervoorziening moet voorzien in een waterlevering die voldoende en te allen tijde beschikbaar is. De kwaliteit van het water moet van dien aard zijn dat er geen schade aan de bluspomp kan ontstaan.
Capaciteit
De vereiste capaciteit wordt bepaald door de nominale inzet van de brandweer in relatie tot de te verwachten omvang van brand of fysiek ongeval binnen de projectie van de secundaire bluswatervoorziening. De minimale capaciteit voor een secundaire bluswatervoorziening bedraagt
90 m³ per uur met een minimale leveringsduur van 4 uur. De capaciteit voor een secundaire bluswatervoorziening moet onafhankelijk van de primaire bluswatervoorziening kunnen worden toegevoegd aan de inzet.
Opstelplaatsen0
In geval van open water moet er een opstelplaats zijn. Deze opstelplaats moet bereikbaar zijn (zie ook hoofdstuk 1, paragraaf 1.2.3) en, naast het gestelde in bijlage 2, aan de volgende eisen voldoen:
de totale afstand tussen het water en de opstelplaats is maximaal 8 meter;
de verticale afstand tussen het waterniveau en de opstelplaats is maximaal 5 meter.
De opstelplaats van het blusvoertuig ten opzichte van de bluswatervoorziening, zowel in horizontale als in verticale afstand, wordt in belangrijke mate bepaald door de benodigde hoeveelheid bluswater (gebruik aantal stralen dan wel een waterkanon) en de betreffende pompkarakteristiek.
Om een indruk te geven van de teruglopende pompcapaciteit bij toename van de zuighoogte volgt hierna een aantal waarden.
Zuighoogte (m)
levering (m³/h)
Zuighoogte (m)
levering (m³/h)
2
192
6
108
3
171
7
87
4
150
8
66
5
129
9
45
Tabel 1. Pompcapaciteit in relatie tot zuighoogte
De waarden in deze tabel zijn ontleend aan een pompkarakteristiek van een bepaalde pomp, in dit geval een Ziegler, type FP 32/8 – 2HH. Andere pompen kunnen afwijkende waarden opleveren.
De maximale afstand van het incident tot de waterwinplaats is gebaseerd op de maximale inzetdiepte van een WTS500. Aangezien de inzet van middelen afhankelijk is van het risico van het object, kunnen per object verschillende maximale afstanden gelden tot de secundaire bluswatervoorziening.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2.2
Beschikbaarheid secundaire bluswatervoorziening
Onderdeel van Beleidsregels bluswatervoorziening en bereikbaarheid objecten