**1..** Indien de belanghebbende de voor de verlening van bijstand van belang zijnde gegevens of de gevorderde bewijsstukken niet, niet tijdig of onvolledig heeft verstrekt, dan wel indien de belanghebbende anderszins onvoldoende medewerking verleent, of als de belanghebbende niet voldoet aan de verplichting om ter identificatie een document als bedoeld in artikel 17, lid 4, van de wet over te leggen, wordt het recht op bijstand gedurende maximaal acht weken opgeschort:
a. vanaf de eerste dag waarop het verzuim betrekking heeft of;
b. vanaf de dag van het verzuim als niet kan worden bepaald op welke periode dit verzuim betrekking heeft.
**2..** De belanghebbende ontvangt bericht van de opschorting, waarin tevens een termijn is opgenomen waarbinnen het verzuim dient te worden hersteld.