Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 16

Artikel 16

Onderdeel van Afstemmingsverordening gemeente Voorschoten 2004

1.. In alle gevallen waarin de bijstandsgerechtigde niet, niet tijdig, onvoldoende of onjuiste inlichtingen heeft verstrekt, terwijl hem redelijkerwijs duidelijk had moeten zijn dat deze inlichtingen van invloed kunnen zijn op de arbeidsinschakeling dan wel op het recht op bijstand, of als de bijstandsgerechtigde niet de medewerking heeft verleend die nodig is voor de uitvoering van de wet, wordt de bijstand voor de duur van een maand met 10% verlaagd. 2.. De verlaging vindt bij voorkeur plaats in de periode direct na de constatering van de verwijtbare gedraging, maar kan zo nodig plaatsvinden over de periode waarop de gedraging als bedoeld in het voorgaande lid betrekking heeft, of in een volgende periode van bijstandsverlening.

Rechtspraak bij dit artikel