Een verleende garantie of een verstrekte lening kan worden ingetrokken:
op de gronden genoemd in artikel 4:48, eerste lid sub a tot en met d van de Awb;
als de overeenkomst van geldlening, waarop de garantie betrekking heeft, niet binnen drie maanden na verzending van het betreffende besluit tot stand komt en de hoofdsom volgens het overeengekomen stortings- en aflossingsschema aan de geldnemer ter beschikking wordt gesteld;
als door toedoen of nalaten van de geldnemer het risico dat voor het college uit de verstrekte garantie of lening voortvloeit aanzienlijk wijzigt.
Hoofdstuk 9 Overige en slotbepalingen.
Hoofdstuk 8
Artikel 34
Intrekking verleende garanties of leningen
Onderdeel van Algemene Subsidieverordening 2014