**1..** Burgemeester en wethouders kunnen, al dan niet op verzoek van belanghebbenden, besluiten monumenten aan te wijzen als gemeentelijk monument met inachtneming van de gemeentelijke Monumentennota.
**2..** Op de voorbereiding van een besluit tot aanwijzing als bedoeld in het eerste lid is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.
**3..** Voorafgaande aan de ter inzage legging van een ontwerpbesluit tot aanwijzing van een gemeentelijk monument dan wel afwijzing van een daartoe strekkend verzoek, wordt de commissie cultuurhistorie in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen.
**4..** Voordat burgemeester en wethouders over de aanwijzing een besluit nemen, vragen burgemeester en wethouders advies aan de commissie cultuurhistorie. Deze adviseert schriftelijk binnen acht weken na ontvangst van het verzoek van burgemeester en wethouders. Bij overschrijding van deze termijn wordt de commissie geacht te hebben geadviseerd.
**5..** Als belanghebbende als bedoeld in artikel 3:13 Algemene wet bestuursrecht wordt in ieder geval verstaan de eigenaar van een monument met een religieuze bestemming.
**6..** Zienswijzen kunnen worden ingebracht door eenieder.
**7..** Indien zienswijzen worden ingebracht naar aanleiding van een ontwerpbesluit wordt de commissie cultuurhistorie in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen. Lid 4 is van overeenkomstige toepassing.
**8..** Als er sprake is van een ambtshalve besluit tot aanwijzing van een gemeentelijk monument, beslissen burgemeester en wethouders binnen zestien weken na de ter inzage legging van het ontwerpbesluit.
**9..** Met ingang van de datum waarop de eigenaar van een monument het ontwerpbesluit tot aanwijzing als gemeentelijk monument ontvangt tot het moment dat de registratie als bedoeld in artikel 5 plaatsvindt, dan wel vaststaat dat het monument niet wordt geregistreerd, zijn de artikelen 7 tot en met 11 van overeenkomstige toepassing (voorbescherming).
**10..** Monumenten die zijn ingeschreven in het register als bedoeld in artikel 6 van de Monumentenwet 1988, worden door burgemeester en wethouders niet als gemeentelijk monument aangewezen.
**11..** Van monumenten, die na aanwijzing tot gemeentelijk monument worden ingeschreven in het register als bedoeld in artikel 6 van de Monumentenwet 1988, vervalt de aanwijzing tot gemeentelijk monument van rechtswege en wordt de registratie op de gemeentelijke monumentenlijst doorgehaald.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1.
Artikel 3
De aanwijzing tot gemeentelijk monument
Onderdeel van Erfgoedverordening 2012 gemeente Weert