Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 5.

Artikel 2:10:

vergunning voor het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke functie van de weg

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening

1.. Het is verboden zonder voorafgaande vergunning de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan. 2.. De vergunning wordt verleend: a. als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag voor zover het een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2:2, eerste lid, onder j. of onder k. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; b. door het college in de overige gevallen. 3.. Een vergunning bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd: indien het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg; indien het beoogde gebruik hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand; in het belang van de voorkoming of beperking van overlast voor gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaak.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel