In deze verordening wordt verstaan onder:
exploitant: huidig of toekomstig eigenaar, economisch eigenaar, erfpachter van of rechthebbende op een in het exploitatiegebied gelegen onroerende zaak en aan wie de gemeente medewerking verleent voor het in exploitatie brengen van grond;
exploitatiegebied: een als zodanig aangewezen gebied, waarvoor de medewerking van de gemeente aan het in exploitatie brengen van de daarbinnen gelegen gronden op een der in artikel 2 bedoelde wijzen noodzakelijk, wenselijk of nuttig wordt geacht;
exploitatieovereenkomst: de overeenkomst, waarin de gemeente met een exploitant de voorwaarden overeenkomt waaronder de gemeente medewerking verleent aan het in exploitatie brengen van de in de overeenkomst genoemde grond;
voorzieningen van openbaar nut: onder andere de in artikel 2 vermelde werken en werkzaamheden binnen een exploitatiegebied, alsmede het verrichten daarvan buiten het exploitatiegebied voor zover door deze werken en werkzaamheden de binnen het exploitatiegebied liggende onroerende zaken direct dan wel indirect gebaat zijn;
het (medewerking verlenen aan het) in exploitatie brengen van grond: het door of met medewerking van de gemeente treffen van voorzieningen van openbaar nut, waardoor de in het exploitatiegebied gelegen onroerende zaken gebaat worden.