**1..** De burgemeester kan in het belang van de openbare orde en
veiligheid aan diegene die zich gedraagt in strijd met de
wettelijke bepalingen, als in de nadere uitwerking van dit
artikel genoemd, een verbod opleggen zich te bevinden in een
door de burgemeester aangewezen gebied en de daarin gelegen voor
publiek toegankelijke gebouwen en inrichtingen.
**2..** Het verbod geldt gedurende de periode van twee weken. De
ingangsdatum staat in het besluit vermeld.
**3..** De burgemeester kan in het belang van de openbare orde en
veiligheid aan diegene aan wie eerder een verbod als bedoeld in
het eerste lid is opgelegd en ten aanzien van wie binnen zes
maanden na het opleggen van dit verbod wordt geconstateerd dat
hij/zij zich opnieuw gedraagt in strijd met de in het eerste lid
bedoelde wettelijk bepalingen en/of de opgelegde
gebiedsontzegging overtreedt, een verbod opleggen zich te
bevinden in een door de burgemeester aangewezen gebied en in de
daarin gelegen voor het publiek toegankelijk gebouwen en
inrichtingen op de door de burgemeester genoemd tijdstippen voor
een tijdvlak van acht weken.
**4..** De burgemeester kan bepalen dat aan de gebiedsontzegging nadere
voorwaarden worden verbonden.
**5..** De burgemeester beperkt de in het eerste of derde lid genoemde
geboden, indien dat in verband met de persoonlijke
omstandigheden van betrokkene noodzakelijk is.
**6..** Het is verboden zich te gedragen in strijd met een door de
burgemeester opgelegd verbod.
**7..** Het gebiedsverbod geldt niet voorzover in de daarin geregelde
onderwerpen wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht.
HOOFDSTUK 2 › Afdeling 15
Artikel 2:78
Gebiedsontzegging
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Nuenen c.a. 2014