Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 3

Aanwijzen van de doelgroepen

Onderdeel van Verordening Wet inburgering gemeente Roermond

1.. Het college kan in overeenstemming met artikel 19a, eerste lid, WI voor elke inburgeringsplichtige een inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening vaststellen zonder dat daaraan een procedure van aanbod (door het college) en aanvaarding (door de inburgeringsplichtige) vooraf hoeft te gaan. 2.. Het college biedt inburgeringsplichtigen ondersteuning aan bij het voldoen van de inburgeringsplicht en kan, voor zover het college dat noodzakelijk acht, een voorziening aanbieden gericht op het behalen van het inburgeringsexamen. 3.. Het college weegt bij de ondersteuning en het aanbod van voorzieningen af of de keuze het meest doelmatig is met het oog op het behalen van het inburgeringsdiploma, gelet op de mogelijkheden en capaciteiten van een inburgeringsplichtige, Het college stemt het aanbod van een inburgeringsvoorziening af op de afstand van de inburgeringsplichtige tot de arbeidsmarkt, de opvoedingstaken en het bevorderen van de emancipatie en van de participatie aan de samenleving. 4.. Het college bepaalt jaarlijks, mede aan de hand van beschikbare middelen, aan welke groepen inburgeringsplichtigen een voorziening wordt vastgesteld waarbij hij bij voorrang een inburgeringsvoorziening kan vaststellen op basis van de volgende criteria: het hebben van een afstand tot de arbeidsmarkt; het hebben van een opvoedingstaak; het bevorderen van de emancipatie en van de participatie aan de samenleving.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel