Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 14

Subsidiebesluit

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Koggenland 2014

1.. Het college beslist op de aanvraag voor subsidieverlening in het kader van waarderingssubsidie en budgetsubsidie voor 1 januari van het jaar waarin de activiteiten worden uitgevoerd. Deze beslissing houdt tevens een beoordeling in van alle door de aanvrager over te leggen bescheiden. De beslissing wordt uiterlijk 31 december van het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft bekendgemaakt. 2.. In de beschikking tot subsidieverlening kan door het college worden aangegeven welk (deel van het) budget verbonden is aan welke activiteiten en voor welk tijdvak, alsmede op welke wijze verantwoording van de te ontvangen subsidie plaats vindt. 3.. Indien een uitvoeringsovereenkomst wordt afgesloten wordt daarin vastgelegd dat de subsidie ontvangende instelling zich verplicht de overeengekomen activiteiten en de prestaties conform de vastgelegde kwalitatieve en kwantitatieve eisen te realiseren. Dit volgens het gestelde in artikel 4:36 lid 2 van de wet. 4.. Bij het besluit tot verlening van de subsidie kan de gemeente aangeven op welke wijze de verantwoording van de te ontvangen subsidie plaatsvindt. 5.. Het college is bevoegd om verplichtingen aan de beschikking te verbinden met betrekking tot beheer en gebruik van de subsidie. 6.. Het college beslist op de aanvraag voor incidentele activiteitensubsidie binnen twaalf weken nadat de aanvraag is ontvangen. 7.. Het college beslist op de aanvraag voor een investeringssubsidie binnen zestien weken nadat de aanvraag is ontvangen. 8.. Indien de beschikking niet binnen de onder lid 1, 6 of 7 gestelde termijn kan worden afgegeven, deelt het college dit mee aan de aanvrager en noemt daarbij een termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel