Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 21

Aanvraag tot subsidievaststelling.

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Koggenland 2014

Met toepassing van de artikelen 4:37 eerste lid sub f. en 4:44 lid 2 van de wet, legt het college subsidie ontvangende instellingen de volgende verplichtingen op: instellingen die een incidentele subsidie ontvangen, dienen binnen twaalf weken na afloop van de activiteit een financieel en inhoudelijk verslag in bij het college. instellingen die een structurele subsidie ontvangen, dienen vóór 1 juni volgend op het boekjaar een financieel en inhoudelijk verslag in bij het college. instellingen die een budgetsubsidie ontvangen dienen vóór 1 juni volgend op het boekjaar een financieel en inhoudelijk verslag als bedoeld in artikel 4:75 lid 1 van de wet in bij het college. Het in het eerste lid genoemde financieel verslag bevat: een exploitatierekening die betrekking heeft op de gehele instelling; een balans die betrekking heeft op de gehele instelling. bij een subsidie die een hoger subsidiebedrag betreft dan € 25.000,-: een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 4:78 van de wet. 3 Indien de begrote kosten van de gesubsidieerde activiteiten minder bedragen van € 25.000,- bepaalt het college de wijze waarop de controle plaatsvindt. de financiële verantwoording wordt op dezelfde wijze ingericht als de begroting. het tweede tot en met het vierde lid zijn niet van toepassing op waarderingssubsidies. het college kan bepalen dat ook andere, of minder, dan de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden overgelegd. het college kan bepalen dat lid 2 sub c, ook van toepassing is op een aanvraag met een subsidiebedrag lager dan € 25.000,-.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel