Deze verordening verstaat onder:
Gemeentelijk monument:
zaak, die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde;
terrein dat van algemeen belang is wegens een daar aanwezige zaak bedoeld onder 1;
archeologisch monument: monument, als bedoeld in onderdeel a, onder 2;
gemeentelijk monument: onroerend monument, dat overeenkomstig de bepalingen van deze verordening als gemeentelijk monument is aangewezen;
gemeentelijke monumentenlijst: de lijst waarop zijn geregistreerd de overeenkomstig deze verordening als gemeentelijk monument aangewezen monumenten;
beschermd rijksmonument: beschermd monument als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Monumentenwet 1988;
het bevoegd gezag overeenkomstig artikel 1.1, lid 1, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
monumentencommissie: de commissie als bedoeld in de Verordening op de monumentencommissie Lisse 2006, ingesteld op grond van artikel 15 Monumentenwet 1988, met als taak het college op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de verordening en het monumentenbeleid;
plan van aanpak: plan dat weergeeft hoe een archeologische uitvoerder de vragen zoals omschreven in het programma van eisen denkt te gaan beantwoorden;
gemeentelijke archeologische beleidskaart: archeologische beleidskaart met voorschriften ten behoeve van de Archeologische Monumentenzorg;
landelijke Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden: landelijke kaart met een schaal van 1:50.000, die op basis van geomorfologische gegevens, de kans weergeeft op de aanwezigheid van archeologische vindplaatsen, waarbij onderscheid wordt gemaakt in hoge, middelhoge, lage en zeer lage trefkans;
Cultuurhistorische kaart van Zuid Holland (Cultuurhistorische hoofdstructuur): topografische kaart van (delen van) het provinciale grondgebied, waarop archeologische monumenten en archeologische gebieden zijn aangegeven;
Bovengronds cultuurhistorisch onderzoek: onderzoek naar bovengrondse sporen, objecten, patronen en structuren uit het verleden teneinde de cultuurhistorische waarden daarvan te kunnen bepalen/vaststellen.
archeologisch verwachtingsgebied: gebied, aangegeven op de archeologische waardenkaart, waarvan is aangegeven dat in bepaalde mate archeologische vondsten of sporen te verwachten zijn;
hoge verwachtingswaarde: grote kans op archeologische vondsten of informatie;
middelhoge verwachtingswaarde: gemiddelde kans op archeologische vondsten of informatie;
lage verwachtingswaarde: kleine kans op archeologische vondsten of informatie;
programma van eisen: programma dat door het college wordt vastgesteld en waarmee kaders worden gesteld voor het ontwerp en de uitvoering van archeologisch onderzoek;
gemeentelijke archeologische beleidskaart: kaart behorende bij de archeologische paragraaf van het bestemmingsplan;
vergunning: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, of 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.