Naar hoofdinhoud

Afdeling II.

Artikel 5.

Verlening van de aansluitvergunning

Onderdeel van Aansluitverordening riolering

Burgemeester en wethouders dienen binnen een termijn van acht weken na ontvangst van de aanvraag om een aansluitvergunning te besluiten, tenzij een kennisgeving als bedoeld onder het derde lid van deze verordening is gedaan. Indien de aanvraag of de daarbij behorende bescheiden niet voldoen aan het bepaalde in het tweede lid van artikel 3 van deze verordening, begint de voorgenoemde termijn waarbinnen op een aanvraag moet worden beslist te lopen op de dag dat dit verzuim is hersteld. In afwijking van het eerste lid houden burgemeester en wethouders de beslissing omtrent een aanvraag van een aansluitvergunning aan indien er geen reden is de vergunning te weigeren: terwijl voor het aan te sluiten perceel nog een aanvraag moet worden gedaan of in behandeling is voor een bouwvergunning krachtens de Woningwet; terwijl er voor het aan te sluiten perceel nog een aanvraag moet worden gedaan of in behandeling is voor een vergunning krachtens de Wet milieubeheer. 4). Indien een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, stellen burgemeester en wethouders de aanvrager daarvan in kennis en noemen daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien. 5). Na verlening van de in lid 3 onder sub a en b van dit artikel bedoelde vergunningen, dienen burgemeester en wethouders alsnog binnen acht weken te besluiten op de aanvraag om een aansluitvergunning.

Rechtspraak bij dit artikel