De rechten worden niet geheven voor:
Het opgraven van een stoffelijk overschot of asbus op rechterlijk gezag;
Een herbegraving die geschiedt in een particulier graf tegelijk met een begraving in hetzelfde graf, waarvoor reeds het recht wordt geheven volgens hoofdstuk 2 van de bijhorende tarieventabel;
Meer dan één (her)begraving die tegelijkertijd geschiedt in een particulier graf; hierbij wordt voor slechts één (her)begraving het recht geheven volgens hoofdstuk 6 van de bijbehorende tarieventabel;
Voor het begraven van een stoffelijk overschot van een pasgeboren kind, dat tegelijk met dat van de moeder in een graf wordt begraven;
Het opgraven van een stoffelijk overschot van een pasgeboren kind in een algemeen graf waarvan de grafrusttermijn is verstreken.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2014