De verboden, vervat in artikel 2, eerste lid onder a en b en tweede lid van de wet, gelden niet
op ten hoogste drie, door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen,
zondagen per kalenderjaar, alsmede op Tweede Paasdag, Tweede Pinksterdag, Hemelvaartsdag en Tweede Kerstdag, voor zover deze dag niet op een zondag valt.