Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 8a

Weigeringgronden/geen aanspraak

Onderdeel van Algemene subsidieverordening Heiloo 2012

1.. Het college kan een aanvraag voor subsidie weigeren, met in achtneming van het gestelde onder artikel 5 lid 4 van deze verordening, indien de activiteiten van de aanvrager niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de beleidsterreinen van de gemeente of haar ingezetenen of niet of nauwelijks ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen. 2.. Het verstrekken van subsidie kan naast de in artikel 4:25 en artikel 4:35 van de Awb genoemde gevallen geweigerd worden indien gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat: de activiteiten van de aanvrager niet of niet in belangrijke mate ten goede komen aan ingezetenen van de gemeente; de gelden niet of in onvoldoende mate zullen worden besteed aan het doel waarvoor de subsidie is aangevraagd; de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met wettelijke bepalingen, het algemeen belang of de openbare orde; de aanvrager zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden, kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken; de subsidie verstrekking niet past binnen het beleid van de gemeente. 3.. Geen subsidie wordt verstrekt, indien de doelstellingen, activiteiten, statuten of reglementen van de aanvrager dan wel het beoogde gebruik van de subsidie discriminatie oplevert wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, burgerlijke staat, seksuele gerichtheid, leeftijd of welke grond dan ook. Onder discriminatie wordt in dit verband niet begrepen onderscheid ter opheffing van maatschappelijke achterstand.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel