1.Het is verboden consumentenvuurwerk te bezigen op een door het
college in het
belang van de voorkoming van gevaar, schade of overlast aangewezen
plaats.
2.Het is verboden consumentenvuurwerk op of aan de weg of op een
voor publiek
toegankelijke plaats te bezigen indien zulks gevaar, schade of
overlast kan
veroorzaken.
3.De in het eerste en tweede lid gestelde verboden gelden niet voor
zover in het daarin
geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder
1, van het
Wetboek van Strafrecht.
4.Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid
gestelde verbod.
(wordt geschrapt)
Hoofdstuk 2 › Afdeling 6
Artikel 2.6.3