1.Indien een beheerder als bedoeld in artikel 3.2.1, tweede lid,
onder b, het beheer in
de seksinrichting of het escortbedrijf feitelijk heeft beëindigd,
geeft de exploitant
daarvan binnen een week na de feitelijke beëindiging van het beheer
schriftelijk
kennis aan het bevoegd bestuursorgaan.
2.Het beheer kan worden uitgeoefend door een nieuwe beheerder,
indien het bevoegd
bestuursorgaan op aanvraag van de exploitant heeft besloten de
verleende
vergunning overeenkomstig de wijziging in het beheer te wijzigen.
Het bepaalde in
artikel 3.3.2, eerste lid, aanhef en onder a, is van overeenkomstige
toepassing.
3.In afwachting van het besluit bedoeld in het tweede lid, kan het
beheer worden
uitgeoefend door een nieuwe beheerder zodra de exploitant een
aanvraag als
bedoeld in het tweede lid heeft ingediend, totdat over de aanvraag
is besloten.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 4
Artikel 3.4.2