Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Boeten, recidive en maatregelen

Onderdeel van Handhavingsverordening 2013

1.. Indien de belanghebbende onjuiste, onvolledige of in het geheel geen inlichtingen verstrekt die van belang zijn of kunnen zijn voor de bepaling van de hoogte, de duur en de voortzetting van de uitkering of de inkomensvoorziening, legt het college een boete op conform de wettelijke bepalingen. 2.. Bij herhaling van de schending van de inlichtingenplicht (recidive) worden de bepalingen in de Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive 2013 toegepast. 3.. Indien de belanghebbende gedragingen vertoont waardoor algemeen geaccepteerde arbeid niet wordt behouden of één van de verplichtingen gericht op arbeidsinschakeling of tegenprestatie op grond van artikel 9, 9a en 55 WWB, respectievelijk artikel 37 en 38 IOAW of IOAZ, niet of onvoldoende worden nagekomen of een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan heeft getoond, als bedoeld in artikel 18, lid 2, WWB , wordt overeenkomstig de Maatregelverordening 2013 een maatregel opgelegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel