Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Vereisten voor het verkrijgen van een standplaats en ventvergunning

Onderdeel van Verordening standplaats- en ventvergunningen De Ronde Venen 2000

1.. Voor een standplaats of ventvergunning komen uitsluitend natuurlijke personen in aanmerking. 2.. Tevens moet voor het innemen van een standplaats door de aanvrager worden aangetoond dat hij: voldaan heeft aan alle publiekrechtelijke verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitoefening en bedrijfsorganisatie en persoonlijk voldoet aan de bij de toepasselijke vestigingsregeling gestelde eisen ter verkrijging van een vestigingsvergunning als bedoeld in de Vestigingswet Bedrijven of de Vestigingswet Detailhandel en tevens het bewijs overlegt van registratie van het Centraal Registratiekantoor. dat hij, genoegzaam verzekerd is (individueel of collectief) tegen eisen tot het betalen van schadeloosstellingen, waartoe hij als gebruiker van een verkoopinrichting op een standplaats krachtens wettelijke aansprakelijkheidsbepalingen zou kunnen worden verplicht wegens aan derden toegebracht lichamelijk letsel en wegens beschadiging van eigendommen van derden. 3.. Om voor een ventvergunning in aanmerking te komen is tenminste vereist dat de aanvrager het bewijs van registratie van het Centraal Registratiekantoor overlegt. 4.. Bij een aanvraag om een ventvergunning voor de verkoop van melk, melkproducten, boter, kaas, eieren, margarine, poelierswaren, vis gebruikte en ongeregelde goederen moet tevens aan de vereisten gesteld in lid 2 onder a worden voldaan. 5.. Het vorenstaande is niet van toepassing voor een vergunning voor een ideële plaats. 6.. Het vorenstaande is niet van toepassing voor een seizoensstandplaats met uitzondering van het gestelde in lid 2 onder b.

Rechtspraak bij dit artikel