De regeling vindt toepassing ten aanzien van:
gehuwden en samenwonenden zonder minderjarige kinderen die een duurzame gezamenlijke huishouding voeren;
ouder(s) of verzorger(s) die met minderjarige kinderen een duurzame gezamenlijke huishouding voeren;
de onder b. bedoelde minderjarige kinderen;
thuisinwonende jongeren van 18 tot 21 jaar wier inkomen lager of gelijk is aan de voor hen geldende norm volgens de Wet studiefinanciering;
thuisinwonende studerenden met een inkomen op grond van de Wet studiefinanciering
alleenstaanden die een eigen huishouding voeren.
Het verstrekken van een bijdrage aan de categorieën van personen genoemd in het vorige lid onder de punten d. en e., geschiedt met inachtneming van de criteria van artikel 12 van de Wet werk en bijstand.
De in lid 1 genoemde categorieën van personen dienen langer dan 1 jaar te zijn aangewezen op een inkomen op bijstandsniveau of een inkomen op grond van de Wet studiefinanciering.
Van de in het vorige lid genoemde voorwaardekan worden afgeweken indien ten tijde van de aanvraag kan worden aangenomen dat het aangewezen zijn op een minimuminkomen een duurzaam karakter zal dragen.
Artikel 2.
Doelgroep
Onderdeel van Bijdrageregeling voor deelname aan welzijnsactiviteiten Veldhoven 2009