Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 5

Artikel 2.5.30

Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden bij of in gebouwen

Onderdeel van Bouwverordening gemeente Beverwijk 2010

1.. Indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, moet ten behoeve van het parkeren of stallen van auto's in voldoende mate ruimte zijn aangebracht in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. Deze ruimte mag niet overbemeten zijn, gelet op het gebruik of de bewoning van het gebouw, waarbij rekening moet worden gehouden met de eventuele bereikbaarheid per openbaar vervoer. Het aantal parkeerplaatsen voor bewoners, personeel, bezoekers en bedrijfsvoertuigen en de ligging en bereikbaarheid van de            parkeerplaatsen, dient te voldoen aan het vigerende gemeentelijke beleid. 2.. De in het eerste lid bedoelde ruimte voor het parkeren van auto's moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan: indien de afmetingen van bedoelde parkeerruimte ten minste voldoet aan de vigerende CROW-richtlijnen en NEN-normen voor wat betreft het parkeren en stallen van voertuigen; indien de afmetingen van een gereserveerde parkeerruimte voor een gehandicapte overeengekomen met de vigerende CROW-richtlijnen en NEN- normen voor wat betreft het parkeren en stallen van voertuigen - voorzover die ruimte niet in de lengterichting aan een trottoir grenst - ten minste 3,50 m bij 5,00 m bedragen 3.. Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen dan wel personen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. 4.. Het bevoegd gezag kan de omgevingsvergunning verlenen in afwijking van het bepaalde in het eerste en het derde lid: indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; indien de bouwkosten van realisering van de parkeervoorzieningen binnen het bouwplan de financiële haalbaarheid van de realisering van het project in de weg zou staan, of fysiek voor een doelgroep (denk aan bezoekers) geen openbare parkeerfunctie realiseerbaar is, én er op de openbare weg of contractueel tussen partijen een overcapaciteit aan parkeerplaatsen zou zijn; of voor zover op andere wijze in de nodige parkeer- of stallingruimte, dan wel laad- of losruimte wordt voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel