Aan de wethouder wordt een vergoeding verleend voor reiskosten gemaakt
ten behoeve van de gemeente, ter zake van andere dan voor reiskosten
woon-/werkverkeer.
De vergoeding betreft:
bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een taxi:
een volledige vergoeding van de reiskosten;
bij gebruik van een eigen personenauto: de vergoeding als
bedoeld in artikel 4, onderdeel b, van de Regeling rechtspositie
wethouders;
een vergoeding van de noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte
verblijfskosten;
op aanvraag worden de reiskosten voor de zakelijke reizen van de
wethouder gesaldeerd overeenkomstig artikel 4a van de
Reisregeling binnenland, artikel 2a van de Reisregeling
buitenland en artikel 13 a van de krachtens het
Verplaatsingskostenbesluit 1989