**1..** Tenzij in de verordening of in dit besluit anders is bepaald, wordt:
een financiële tegemoetkoming in de kosten of een persoonsgebonden budget gebaseerd op de kosten van de goedkoopst adequate voorziening. Het college kan voordat een voorziening wordt toegekend, de verplichting opleggen dat er maximaal drie offertes moeten worden opgevraagd waarvan één bij een door het college aan te wijze bedrijf of leverancier;
het bedrag van de financiële tegemoetkoming na overlegging van een factuur betaald en een persoonsgebonden budget, met uitzondering van de hulp bij het huishouden, vooraf betaald. Het persoonsgebonden budget voor hulp bij het huishouden wordt maandelijks achteraf uitgekeerd. Ook vindt uitbetaling van het persoonsgebonden budget achteraf plaats indien overwegende bezwaren bestaan tegen betaling vooraf.
**2..** Het persoonsgebonden budget wordt overgemaakt op het bankrekeningnummer van de aanvrager.
**3..** Verstrekking van een toegekende individuele voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget vindt plaats op verzoek van de aanvrager.
**4..** In artikel 3, lid 2 van de verordening zijn de gevallen benoemd waarbij wordt afgezien van het verstrekken van een persoonsgebonden budget.
**5..** Bij de toekenning van het persoonsgebonden budget gelden in ieder geval de volgende verplichtingen:
het persoonsgebonden budget wordt uitsluitend gebruikt voor betaling van de geïndiceerde voorziening en de daarmee samenhangende kosten;
de geïndiceerde voorziening die de aanvrager verwerft met het persoonsgebonden budget dient adequaat, veilig, cliëntgericht en kwalitatief verantwoord te zijn;
de aanvrager dient een aansprakelijkheidsverzekering te hebben (afgesloten) voor schade die door het gebruik van de voorziening aan derden kan ontstaan;
de aanvrager dient een voorziening die een motorrijtuig is in de zin van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) te verzekeren overeenkomstig artikel 2 van die wet;
de aanvrager bewaart de rekening(en) en betalingsbewijs (betalingsbewijzen) van de met het persoonsgebonden budget verworven geïndiceerde gedurende vijf jaar of, indien de normale afschrijvingsduur langer is dan deze termijn, overeenkomstig deze langere termijn en stelt deze op verzoek ter beschikking van het college; en
de aanvrager dient indien de voorziening binnen de vooraf vastgestelde looptijd niet meer nodig is de gemeente te informeren. De gemeente kan besluiten de voorziening op te vragen bij de aanvrager.
**6..** De aanvrager mag niet overgaan tot verkoop of verpanding van de voorziening.
**7..** De verantwoording van het persoonsgebonden budget door de budgethouder aan het college vindt altijd plaats.
**8..** Het deel van het toegekende persoonsgebonden budget dat niet wordt besteed aan de geïndiceerde dienst of voorziening, wordt niet uitgekeerd, wordt verrekend of dient te worden terugbetaald aan de gemeente.
**9..** Een voorziening, aangeschaft met een persoonsgebonden budget kan, zodra deze voorziening niet meer gebruikt wordt, onder verrekening van eventueel ingebrachte eigen middelen, door het college worden opgehaald en voor herverstrekking beschikbaar worden gesteld.
Artikel 2
Regels rond verstrekking en verantwoording
Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2013