**1..** Indien er sprake is van een subsidieverlening ingevolge artikel 9, zevende lid, dient de subsidieontvanger vóór 1 juni volgend op het subsidiejaar waarvoor de subsidie is verleend een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.
**2..** Bij het indienen van de aanvraag tot subsidievaststelling overlegt de subsidieontvanger de door het college nader te bepalen gegevens die voor het beoordelen van de aanvraag van belang zijn. Zonder deze gegevens kan de subsidie niet worden vastgesteld.
**3..** Het college stelt in dat geval binnen 8 weken de subsidie vast.
**4..** Het college kan in het besluit tot subsidieverlening bepalen dat de subsidie nadien ambtshalve wordt vastgesteld.
**5..** De subsidie kan, naast de gevallen vermeld in artikel 4:46, tweede en derde lid respectievelijk artikel 4:48, Awb, lager worden vastgesteld dan wel ingetrokken, indien:
**a..** is gebleken dat de subsidie aan andere activiteiten is besteed dan waarvoor zij is verleend;
**b..** is gebleken dat de kosten van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend lager waren dan
in de subsidieaanvraag is opgegeven.
**c..** de ontvanger feitelijk niet of niet voldoende overeenkomstig zijn doelstellingen werkzaam is
en hierin ondanks een schriftelijke waarschuwing geen verandering brengt;
**d..** de ontvanger naar het oordeel van het college een financieel wanbeleid voert;
**e..** de ontvanger een rechtspersoon is en hij bij rechterlijk vonnis is ontbonden.
HOOFDSTUK 2
Artikel 10
Subsidievaststelling
Onderdeel van Algemene subsidieverordening Midden-Delfland 2013