Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10:

Artikel 30:

Rechtspositie werknemers

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling uitvoeringsorganisatie Baanbrekers

1.. De bezoldiging en overige rechtspositie van het personeel worden door het Algemeen Bestuur geregeld overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 125 en 134 van de Ambtenarenwet. Het salaris van werknemers inclusief de directeur bedraagt niet meer dan het maximum dat is vastgesteld op schaal 16 volgens de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling Uitwerkingsovereenkomst (CAR-UWO). 2.. Het Dagelijks Bestuur is belast met de aanstelling, de schorsing en het ontslag van het personeel. 3.. Het Dagelijks Bestuur draagt deze bevoegdheid als genoemd in het tweede lid in mandaat op aan de directeur.

Rechtspraak bij dit artikel