Het is verboden:
zich binnen een voor baders en zwemmers bestemd en daartoe afgebakend gedeelte van de zee, met een luchtbed, rubberband, rubberboot of een ander klein drijf-middel in zee te begeven of te bevinden, wanneer door middel van vlaggen, korven of borden het gebruik van drijfmiddelen voor dat gedeelte van de zee is verboden;
zich in zee te bevinden dichter dan 650 meter bij de Oosterscheldekering;
zich in zee te bevinden op die plaatsen en in de onmiddellijke omgeving daarvan, die door middel van een rode signaalvlag of op andere wijze als verboden zijn aangeduid;
op het strand op hinderlijke wijze afsluitingen te maken of lijnen te spannen of het verkeer op andere wijze in enig opzicht te belemmeren;
een voor het redden van drenkelingen bestemd en daartoe op het strand aangebracht voorwerp te gebruiken voor een ander doel, dan wel voor direct gebruik ongeschikt te maken;
op het strand spel of sport uit te oefenen of zich te gedragen, op zodanige wijze dat daardoor gevaar of overlast voor personen, dan wel beschadiging van goederen kan ontstaan;
HOOFDSTUK 5. › AFDELING 6A.
Artikel 5:31c
Algemene verboden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Noord-Beveland 2014 (APV)