Naar hoofdinhoud
1.. Het college ziet af van het opleggen van een maatregel indien: elke vorm van verwijtbaar gedrag ontbreekt, of; de gedraging meer dan één jaar vóór constatering van die gedraging door het college heeft plaatsgevonden. het college dringende redenen aanwezig acht. 2.. Indien het college afziet van het opleggen van een maatregel op grond van dringende redenen, wordt de belanghebbende daarvan schriftelijk mededeling gedaan.

Rechtspraak bij dit artikel