**1.** Het college ziet af van het toepassen van een verlaging indien:
a. elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; of
b. de gedraging als bedoeld in artikel 7 van deze verordening meer dan één jaar vóór constatering van die gedraging door het college heeft plaatsgevonden.
**2.** Het college kan afzien van het verlagen van de uitkering indien het daarvoor dringende redenen aanwezig acht.
**3.** Indien het college afziet van het verlagen van de uitkering op grond van dringende redenen wordt de belanghebbende daar door middel van een besluit van op de hoogte gesteld.
Hoofdstuk 1
Artikel 4
Afzien van het verlagen van de uitkering
Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB, IOAW en IOAZ gemeente Castricum 2013