**9.1.** Het Persoonsgebonden budget voor een rolstoel, waar geen eigen
bijdrage voor is verschuldigd, wordt vastgesteld als tegenwaarde van
de goedkoopst compenserende voorziening in natura bij de door de
gemeente gecontracteerde leverancier en kan op declaratiebasis
worden verhoogd met een bedrag voor onderhoud en reparatie,
gebaseerd op het bedrag voor onderhoud en reparatie dat de gemeente
betaalt voor een dergelijke voorziening die in natura wordt
verstrekt. Binnen de natura-variant zijn per voorziening meerdere
mogelijkheden met hieraan verschillende tarieven verbonden. Om de
tegenwaarde van de goedkoopst compenserende voorziening in natura te
kunnen bepalen is daarom vaak een passing nodig bij de leverancier.
Op het moment dat de budgethouder een passing weigert wordt er van
uitgegaan dat de goedkoopste voorziening binnen de
natura-variant-mogelijkheden adequaat is zodat het Pgb-bedrag hierop
wordt afgestemd.
**9.2.** Het Persoonsgebonden budget voor een sportrolstoel, waar een eigen
bijdrage voor is verschuldigd, of een andere sportvoorziening waar
een eigen bijdrage voor is verschuldigd, bedraagt maximaal €
2.857,-, welk bedrag bedoeld is als tegemoetkoming in aanschaf en
onderhoud van een sportrolstoel of andere sportvoorziening voor een
periode van drie jaar.
Hoofdstuk 6
Artikel 9.
Persoonsgebonden budget voor rolstoelen
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning 2014