Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. › Paragraaf 1.

Artikel 8.

Het maken van een afweging

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning 2014

Deze algemene regels zijn van toepassing op de te bereiken resultaten van paragraaf 2 en dienen bij de beoordeling betrokken te worden. Bij het beoordelen welke voorzieningen getroffen gaan worden, neemt het college het verslag van het gesprek, indien aanwezig, als uitgangspunt. Het college gaat uit van de beperkingen en mogelijkheden van de belanghebbende. Daarbij zal onderzoek gedaan worden naar de noodzaak en mogelijkheid tot leveren van maatwerk ten aanzien van het te bereiken resultaat. Alle voorliggende, algemene, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die beschikbaar en bruikbaar zijn, worden, als ze al niet tot een oplossing hebben geleid in het gesprek, of als er geen gesprek heeft plaatsgevonden, eerst beoordeeld. Voor zover deze voorzieningen beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Een individuele voorziening kan voorts slechts worden toegekend voor zover: Belanghebbende niet zelf of door middel van hulp van anderen in een oplossing kan voorzien. De noodzaak voor het te bereiken resultaat langdurig is, tenzij kortdurende hulp bij het huishouden leidt tot het te bereiken resultaat. De te verstrekken voorziening als de goedkoopst-compenserende voorziening aan te merken is. De voorziening veilig is, zowel voor de aanvrager zelf als voor de omgeving. Geen individuele voorziening wordt toegekend: Indien de belanghebbende niet in de gemeente Nijmegen woont. Voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of deze voorziening noodzakelijk was en als goedkoopst-compenserend aan te merken valt. Voor zover een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft al eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan belanghebbende zijn toe te rekenen, of tenzij belanghebbende geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten. Indien de belanghebbende uit het oogpunt van kosten in staat is om zelf in maatregelen te voorzien. Indien belanghebbende onvoldoende medewerking verleent of heeft verleend om de noodzaak van een individuele voorziening te kunnen vaststellen.

Rechtspraak bij dit artikel