Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte
van de begraafplaats dat toelaat, op een daartoe bij hen
schriftelijk in te dienen aanvraag, voor onbepaalde tijd en
voor de tijd van twintig, dertig of veertig jaar recht op
een particulier graf. De termijn begint te lopen op de datum
waarop het particuliere graf is uitgegeven.
De in het eerste lid van dit artikel bedoelde termijnen
beginnen te lopen op de datum waarop de uitgifte heeft
plaatsgevonden.
Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt
op aanvraag van de rechthebbende verlengd, telkens met een
termijn van tien jaren, mits de aanvraag vóór het
verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend.
Het college zal de rechthebbende tenminste één jaar voor de
afloop van de termijn genoemd in het eerste lid van dit
artikel schriftelijk op de mogelijkheid van verlenging
attenderen. Als het adres van de rechthebbende niet bekend
is, geschiedt het attenderen door mededeling op het
mededelingenbord op de begraafplaats en door het plaatsen
van een bordje bij het graf gedurende tenminste één
jaar.
Een recht als in dit artikel bedoeld, kan slechts aan één
rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en
voor de personen genoemd in het eerste lid van artikel 17.
Verlenging van het recht ten behoeve van een ander is
slechts mogelijk indien daarvoor gewichtige redenen
bestaan.
HOOFDSTUK 4.
Artikel 15
– Uitgiftetermijnen particuliere graven.
Onderdeel van De beheersverordening algemene begraafplaats gemeente Ermelo 2014