**1..** Een grondroerder moet op verzoek van het college bij de aanleg van
kabels en leidingen in openbare gronden zoveel mogelijk
(mede)gebruik maken van bestaande, hetzij door overige netbeheerders
dan wel door of in opdracht van het college aangelegde,
voorzieningen. Deze verplichting geldt als dit technisch haalbaar is
en medegebruik geen belemmering vormt voor de veiligheid,
toegankelijkheid en leveringszekerheid.
**2..** Het vooroverleg als bedoeld in artikel 5, tweede lid, dan wel een
door het college geïnitieerd overleg naar aanleiding van een
aanvraag als bedoeld in artikel 5, eerste lid, is er ook op gericht
te bepalen of en zo ja langs welke delen van het tracé gebruik kan
worden gemaakt van bestaande voorzieningen als bedoeld in het eerste
lid.
**3..** Als een grondroerder een marktconform aanbod wordt gedaan om gebruik
te maken van vooraangelegde voorzieningen, zoals mantelbuizen,
kabelgoten of kabel- en leidingentunnels, is een grondroerder
verplicht om voor de aanleg of uitbreiding van zijn netwerk van deze
voorzieningen gebruik te maken.
**4..** Als de openbare gronden geen ruimte bieden voor de aanleg van nieuwe
kabels en leidingen, moet een grondroerder een alternatief tracé
kiezen.
HOOFDSTUK 2
Artikel 9
(Mede)gebruik van voorzieningen en vooroverleg
Onderdeel van Algemene verordening ondergrondse infrastructuren