Voor zover uit hoofdstuk 4 van deze verordening taken en
verantwoordelijkheden voortvloeien die betrekking hebben op dienstjaren
voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening, berusten
deze bij de functionarissen die voor dat tijdstip met overeenkomstige
taken en verantwoordelijkheden waren belast, tenzij hiervoor in
onderling overleg een andere regeling wordt getroffen.